JVC GR D360E User Manual LYT1540 003A DU
User Manual: JVC GR-D360E GR-D360E Nederlands,
Open the PDF directly: View PDF
.
Page Count: 56
| Download | |
| Open PDF In Browser | View PDF |
Beste klant, Dank u voor de aanschaf van deze digitale videocamera. Om een veilig gebruik van dit product te verzekeren, dient u vóór het gebruik de veiligheidsinformatie en de voorzorgsmaatregelen op blz. 2 – 5 te lezen. NEDERLANDS DIGITAL VIDEOCAMERA GR-D360E 8 AAN DE SLAG VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN 19 Voor accessoires: http://www.jvc.co.jp/english/accessory/ DIGITALE STILBEELDCAMERA (D.S.C.) OPNEMEN EN 26 WEERGEVEN GEAVANCEERDE FUNCTIES 31 VERWIJZINGEN 47 TERMEN Achterzijde Stel “DEMO” in op “UIT” om de demonstratie te stoppen. (墌 blz. 31, 34) GEBRUIKSAANWIJZING LYT1540-003A DU 2 NE LEES DIT EERST! ● Maak een proefopname voordat u een belangrijke video opneemt. Speel de proefopname af om te controleren of het beeld en het geluid juist zijn opgenomen. ● U kunt het beste de videokoppen reinigen voordat u de camcorder gebruikt. Als u de camcorder enige tijd niet hebt gebruikt, kunnen de koppen vuil zijn. U kunt het beste de videokoppen regelmatig reinigen met een reinigingscassette (optioneel). ● Bewaar uw cassettebanden en de camcorder in de juiste omgeving. De kans is groter dat uw videokoppen vuil worden als u uw cassettebanden en camcorder op een stoffige plek bewaart. Verwijder de cassettebanden uit de camcorder en bewaar deze in cassettedoosjes. Bewaar de camcorder in een tas of een andere verpakking. ● Gebruik de stand SP (Standard) voor belangrijke video-opnamen. In de stand LP (Long Play) kunt u 50% meer video opnemen dan in de stand SP (Standard), maar het is mogelijk dat er, afhankelijk van de bandeigenschappen en de gebruiksomgeving, een mozaïekachtige storing optreedt tijdens de weergave. U kunt voor belangrijke opnamen daarom het beste de stand SP gebruiken. ● Voor veiligheid en betrouwbaarheid. U kunt het beste alleen JVC-batterijen en accessoires gebruiken voor de camcorder. ● Dit product bevat gepatenteerde en andere eigen technologie en werkt alleen met JVCbatterijen. Gebruik de JVC BNVF707U/ VF714U/VF733U accu's. Als u niet-JVCbatterijen gebruikt kan dit schade veroorzaken aan het interne oplaadsysteem. ● Gebruik alleen cassettes met de Mini DVmarkering . ● U moet er zeker van zijn dat u alleen geheugenkaartjes gebruikt met het merkteken of . Deze camcorder is uitsluitend ontworpen voor gebruik met een digitale videocassette, SDgeheugenkaart of MultiMediaCard. Alleen cassettes met het merkteken “ ” en geheugenkaartjes met het merkteken “ ” of “ ” kunnen in dit toestel gebruikt worden. ● Deze camcorder is alleen bedoeld voor privégebruik. Commercieel gebruik zonder de vereiste toestemming is verboden. (Het wordt tevens aanbevolen dat u vooraf toestemming verkrijgt voor het opnemen van een show, uitvoering of expositie voor persoonlijk gebruik). ● Laat het apparaat niet achter - op plaatsen waar het warmer dan 50°C is (122°F) - op plaatsen waar de vochtigheid zeer laag (minder dan 35%) of zeer hoog (80%) is. - in direct zonlicht. - in een afgesloten auto in de zomer. - in de buurt van een verwarmingstoestel. ● Het LCD-scherm is vervaardigd met precisietechnologie. Er kunnen echter permanent zwarte puntjes of heldere puntjes (rood, groen of blauw) zichtbaar zijn op het LCD-scherm. Deze puntjes worden niet opgenomen op de band. Dit duidt niet op een defect van het apparaat. (Effectieve punten: meer dan 99,99%). ● Koppel de accu los als de camcorder niet wordt gebruikt en controleer regelmatig of het apparaat werkt of niet. NE VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN WAARSCHUWING: STEL DIT TOESTEL NIET BLOOT AAN REGEN OF VOCHT TER VOORKOMING VAN BRAND EN ELEKTRISCHE SCHOKKEN. VOORZORGSMAATREGELEN: ● Om elektrische schokken te vermijden, mag u de ombouw niet openen. In het toestel bevinden zich geen door de gebruiker te repareren onderdelen. Laat onderhoud over aan de vakman. ● Trek de stekker van het netsnoer bij voorkeur uit het stopcontact wanneer u de netadapter voor langere tijd niet gaat gebruiken. LET OP: Voorkom een elektrische schok of beschadiging vanhet toestel en steek de kleine stekker van het netsnoer in de netadapter zodat deze goed vast zit. Steek vervolgens de grotere stekker van het netsnoer in een stopcontact. VOORZORGSMAATREGELEN: ● De camcorder is gemaakt voor gebruik met kleurentelevisiesignalen van het PAL type. Het toestel kan niet gebruikt worden met een televisie gebaseerd op een ander systeem. Opname en weergave met de LCD-monitor/ zoeker is echter overal mogelijk. ● Dit product bevat gepatenteerde en andere gelicentieerde technologie en werkt alleen met JVC-Batterijstatus. Gebruik de JVC BN-VF707U/VF714U/VF733U accu’s en laad deze op met de meegeleverde multi-voltage netadapter of gebruik de netstroomadapter om de camcorder van stroom te voorzien. (Een stekkeradapter kan eventueel noodzakelijk zijn voor aanpassing aan afwijkende stopcontactontwerpen in verschillende landen.) OPMERKINGEN: ● Het spanningslabel (serienummer) en waarschuwingen voor de veiligheid zijn op het onder- en/of achterpaneel van het hoofdtoestel aangegeven. ● De informatie betreffende de stroomvoorziening en de veiligheidswaarschuwing voor de netadapter bevinden zich op de boven- en onderkant daarvan. Gebruikte batterijen Niet weggooien, maar inleveren als KCA. Voorzichtig bij het vervangen van de lithium batterij Bij verkeerd gebruik van de in dit toestel gebruikte lithiumbatterij kan gevaar van brand of chemische verbranding ontstaan. Derhalve mag u de batterij nooit herladen, uiteennemen, verhitten boven 100°C of verbranden. Vervang de batterij door een Panasonic (Matsushita Electric), Sanyo, Sony of Maxell CR2025 batterij. Er bestaat explosie- of brandgevaar als de batterij niet op de juiste manier vervangen wordt. ● Gooi een gebruikte batterij onmiddellijk weg (liefst op een milieuvriendelijke wijze, bijvoorbeeld in een batterijbak of door hem terug te brengen naar de foto- of elektriciteitshandelaar). ● Houd de batterij buiten het bereik van kinderen. ● Neem de batterij niet uiteen en gooi hem niet in een open vuur. Wanneer het toestel in een kast of op een plank wordt gezet, moet u er op letten dat er voldoende ventilatieruimte aan alle kanten van het toestel overblijft (10 cm of meer aan beide zijkanten, aan de bovenkant en aan de achterkant). Blokkeer de ventilatie-openingen niet. (Als de ventilatie-openingen geblokkeerd worden door een krant, een kleedje of iets dergelijks, is het mogelijk dat de warmte niet uit het toestel kan ontsnappen.) Zet geen open vuur, zoals een brandende kaars, op het toestel. Denk aan het milieu wanneer u batterijen weggooit en volg de lokale regelgeving aangaande het wegwerpen van deze batterijen strikt op. Het toestel mag niet worden blootgesteld aan druppelend of spattend water. Gebruik dit toestel niet in een badkamer of andere plek waar water voorhanden is. Zet ook geen voorwerpen met water of andere vloeistoffen erin op het toestel (zoals cosmetica, medicijnen, bloemenvazen, potplanten, kopjes enz.). (Als water of een andere vloeistof in het toestel terecht komt, kan dit leiden tot brand of een elektrische schok.) 3 4 NE Richt de lens of de zoeker niet direct naar de zon. Dit zou namelijk uw ogen kunnen beschadigen of problemen in de werking van het interne circuit kunnen veroorzaken met mogelijk brand of een elektrische schok tot gevolg. LET OP! De volgende opmerkingen zijn uitermate belangrijk en dienen beschadiging van het toestel en letsel te voorkomen. Bevestig de meegeleverde draagriem stevig en gebruik deze altijd om de camera te dragen. Draag de camcorder niet door deze aan de zoeker en/of de LCD-monitor vast te houden. De camcorder zou anders kunnen vallen of op een andere manier worden beschadigd. Let op dat uw vingers niet in de cassettehouder vast komen te zitten. Let vooral op kinderen. De camcorder is geen speelgoed. Gebruik geen statief op een instabiel of scheef oppervlak. Het statief zou anders om kunnen vallen met ernstige beschadiging van de camcorder tot gevolg. LET OP! Verbind geen kabels (audio/video, S-Video, enz.) met de camcorder wanneer deze op de tv is geplaatst en laat de camcorder niet op de tv liggen. Lemand zou namelijk over de kabels kunnen struikelen of er op gaan staan waardoor de camcorder van de tv valt met beschadiging tot gevolg. Informatie voor gebruikers over de verwijdering van oude apparaten [Europese Unie] Dit symbool geeft aan dat elektrische en elektronische apparaten niet als huishoudelijk afval mogen worden behandeld. Het product moet echter naar een plaats worden gebracht waar elektrische en elektronische apparatuur wordt gerecycled zodat het op de juiste manier kan worden verwerkt, herwonnen en gerecycled in overeenstemming met de geldende wetgeving. Waarschuwing: dit symbool is alleen gelig in de Europese Unie. Als dit product op de correcte manier wordt verwijderd, draagt u bij tot het vrijwaren van natuurlijke bronnen en voorkomt u voor mens en milieu negatieve gevolgen die zich zouden kunnen voordoen in geval van verkeerde afvalbehandeling. Voor meer informatie over verzamelplaatsen en het recyclen van dit product kunt u contact opnemen met de gemeentelijke instanties, het bedrijf of de dienst belast met de verwijdering van huishoudafval of de winkel waar u het product hebt gekocht. Er kunnen wellicht boetes worden gegeven voor onjuiste verwijdering van dit afval. Deze boetes worden bepaald aan de hand van de geldende wetgeving. (Bedrijven) Als u dit product wilt verwijderen, bezoekt u onze webpagina www.jvc-europe.com voor meer informatie over het retourneren van het product. [Andere landen buiten de Europese Unie] Als u dit product wilt verwijderen, moet u dit doen in overeenstemming met de geldende wetgeving of andere regels in uw land voor de verwerking van oude elektrische en elektronische apparaten. NE Voordat u deze camcorder gaat gebruiken Gebruik uitsluitend cassettes voorzien van de Mini DV-Markering . U moet er zeker van zijn dat u alleen geheugenkaartjes gebruikt met het merkteken of . Deze camcorder is uitsluitend ontworpen voor gebruik met een digitale videocassette, SDgeheugenkaart of MultiMediaCard. Alleen cassettes met het merkteken “ ” en geheugenkaartjes met het merkteken “ ” of “ ” kunnen in dit toestel gebruikt worden. Onthoud dat deze camcorder niet uitwisselbaar met andere digitale videoformaten is. Vergeet niet dat deze camcorder voor privégebruik is ontworpen. Commercieel gebruik zonder de vereiste toestemming is verboden. (Het wordt tevens aanbevolen dat u vooraf toestemming heeft gekregen voor het opnemen van bijvoorbeeld een show, uitvoering, expositie of toneelstuk voor persoonlijk gebruik.) Maak altijd eerst een proefopname voordat u een belangrijke opname wilt gaan maken. Speel de proefopname af om na te gaan of het beeld en geluid correct zijn opgenomen. We raden u aan de videokoppen van uw camcorder voor gebruik te reinigen. Als u uw camcorder een tijd niet hebt gebruikt, is het mogelijk dat de koppen vuil zijn. We raden u aan de videokoppen regelmatig met een los verkrijgbare reinigingscassette te reinigen. Sla uw cassettebanden en de camcorder in de juiste omgeving op. De kans is groter dat uw videokoppen vuil worden als u uw cassettebanden en camcorder op een stoffige plek bewaart. Verwijder de cassettebanden uit de camcorder en bewaar ze in cassettedoosjes. Bewaar de camcorder in bijvoorbeeld een tas. Gebruik de stand SP (Standard) voor belangrijke video-opnamen. In de stand LP (Long Play) kunt u 50% meer video opnemen dan in de stand SP (Standard), maar het is mogelijk dat u, afhankelijk van de bandeigenschappen en de gebruiksomgeving, een geblokt, gestoord beeld te zien krijgt tijdens de weergave. We raden u dan ook aan voor belangrijke opnamen de stand SP te gebruiken. 5 Het is raadzaam cassettebanden van het merk JVC te gebruiken. Uw camcorder is compatibel met alle merken in de handel verkrijgbare cassettebanden die aan de MiniDV-norm voldoen, maar cassettebanden van het merk JVC zijn ontworpen en geoptimaliseerd voor de best mogelijke prestaties van uw camcorder. Lees ook “VOORZORGSMAATREGELEN” op pagina 52 – 54. ● Microsoft® en Windows® zijn geregistreerde handelsmerken of handelsmerken van Microsoft Corporation in de Verenigde Staten en/of andere landen. ● Macintosh is een gedeponeerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. ● QuickTime is een gedeponeerd handelsmerk van Apple Computer, Inc. 6 NE Belangrijkste kenmerken van deze camcorder Wipe-/fade-effecten Achtergrondlicht compenseren Met de wipe-/fade-effecten kunt u professionele scèneovergangen maken. (墌 blz. 41) Als u op de knop BACKLIGHT drukt, wordt het donkere beeld met achtergrondlicht langer belicht. (墌 blz. 40) ● U kunt ook een spotmeetgebied selecteren om een nauwkeurigere belichtingscompensatie uit te voeren. (墌 blz. 40, Spotbelichtingsregeling) Infaden Uitfaden Program AE, effecten en sluitereffecten In de stand “SPORT” kunt u snel bewegende beelden beeld voor beeld opnemen, voor levendige, stabiele slowmotion. (墌 blz. 42) Batterijstatus U kunt de batterijstatus controleren door op de knop DATA te drukken. (墌 blz. 14) ACCUCONDITIE 100% MAX TIJD LCD min 50% ZOEKER min 0% Vertraagde opnamen LED lamp U kunt een onderwerp in het donker verlichten met de LED-lamp. (墌 blz. 36) U kunt kostbare of moeilijk zichtbare momenten op vertraagde snelheid opnemen en afspelen. Het geluid wordt op normale snelheid opgenomen en afgespeeld. (墌 blz. 36) AUTO knop U kunt de opnamestand schakelen tussen de handmatige instelling en de standaardinstelling van de camcorder met de AUTO knop. (墌 blz. 15) M INHOUD AAN DE SLAG 8 GEAVANCEERDE FUNCTIES Merkteken ......................................................... 8 Meegeleverde accessoires ............................. 11 Stroomvoorziening.......................................... 13 Gebruiksstand................................................. 14 Datum/tijd instellen ......................................... 16 De handgreep verstellen................................. 16 De zoeker verstellen ....................................... 16 De helderheid van het LCD-scherm aanpassen... 17 Bevestigen op een statief ............................... 17 Plaatsen/verwijderen van een cassette .......... 17 Plaatsen/verwijderen van een geheugenkaart.... 18 VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN 19 VIDEOBEELDEN OPNEMEN ................................. 19 Standaardopnames maken............................. 19 Resterende bandduur................................. 19 LCD-scherm en zoeker............................... 19 Zoomfunctie................................................ 20 Journalistenopnames ................................. 20 Interface-opname ....................................... 20 Tijdcode ...................................................... 21 Snelle controle............................................ 21 Opname midden op een band .................... 21 VIDEOBEELDEN WEERGEVEN.............................. 21 Normale weergave.......................................... 21 Stilbeelden weergeven ............................... 22 Snelzoeken................................................. 22 Blanco gedeelten zoeken ........................... 22 Verbindingen met een tv of videorecorder...... 23 Weergeven met behulp van de afstandsbediening ...................................... 24 DIGITALE STILBEELDCAMERA (D.S.C.) OPNEMEN EN WEERGEVEN 26 D.S.C.-WEERGAVE............................................. 26 Basisopnames (D.S.C.-momentopname) ....... 26 Normale weergave van stilbeelden................. 26 Automatische weergave van beelden............. 27 Indexweergave van bestanden....................... 27 Weergave van aanduidingen op het scherm verwijderen ................................................. 27 EXTRA FUNCTIES VOOR D.S.C............................ 27 De bestandsnaam opnieuw instellen .............. 27 Bestanden beveiligen ..................................... 28 Bestanden verwijderen ................................... 28 Afdrukinformatie instellen (instelling AFDRUKINFO) ........................................... 29 Een geheugenkaart initialiseren ..................... 30 NE 7 31 MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN ...31 De menu-instellingen wijzigen ........................ 31 Opnamemenu’s .............................................. 32 Weergavemenu’s............................................ 35 OPNAMEFUNCTIES ............................................ 36 LED lamp ........................................................ 36 Vertraagde opnamen ...................................... 36 Wide Mode (Breedbeeldstand) ....................... 37 Night-Scope .................................................... 37 Momentopnames (Stilstaand beeld opnemen op band) .......................................................... 38 Handmatig scherpstellen ................................ 38 De belichting instellen..................................... 39 Diafragmablokkering....................................... 39 Achtergrondlicht compenseren ....................... 40 Spotbelichtingsregeling................................... 40 De witbalans aanpassen................................. 40 De witbalans handmatig aanpassen............... 41 Wipe- of fade-effecten .................................... 41 Program AE, effecten en sluitereffecten ......... 42 MONTEREN....................................................... 43 Naar een videorecorder dubben ..................... 43 Kopiëren naar of vanaf een videoapparaat dat is voorzien van een DV-aansluiting (digitaalkopiëren) ........................................ 44 Aansluiting op een pc ..................................... 45 Audiodubben................................................... 46 Invoegmontage ............................................... 46 VERWIJZINGEN 47 PROBLEMEN OPLOSSEN .................................... 47 ONDERHOUD DOOR DE GEBRUIKER ................... 51 VOORZORGSMAATREGELEN.............................. 52 SPECIFICATIES................................................... 55 TERMEN Achterzijde 8 NE AAN DE SLAG Merkteken 16:9 NE Knoppen Aanduidingen A Terugspoelknop [3] (墌 blz. 21) X Lampje POWER/CHARGE (墌 blz. 13, 19) Knop links [ ] Knop voor snelle controle [QUICK REVIEW] (墌 blz. 21) B Instelknop [SET] (墌 blz. 15) Batterijstatusknop [DATA] (墌 blz. 14) C Stopknop [8] (墌 blz. 21) Knop voor achtergrondlichtcompensatie [BACKLIGHT] (墌 blz. 40) Knop omlaag [ ] D VIDEO/MEMORY Schakelaar (墌 blz. 15) E Weergave-/pauzeknop [4/9] (墌 blz. 21) Handmatige scherpstelknop [FOCUS] (墌 blz. 38) Knop omhoog [ ] F 16:9-Breedbeeldknop [16:9] (墌 blz. 37) Knop voor zoeken naar leeg gedeelte [BLANK] (墌 blz. 22) G Menuknop [MENU] (墌 blz. 31) H Doorspoelknop [5] (墌 blz. 21) Knop rechter [ ] Nachtknop [NIGHT] (墌 blz. 37) I Indexknop [INDEX] (墌 blz. 27) Knop voor LED-lamp [LIGHT] (墌 blz. 36) J Dioptrie-regelknop (墌 blz. 16) K Knop voor automatisch [AUTO] (墌 blz. 15) L Momentopnameknop [SNAPSHOT] (墌 blz. 38) Vertraagde opnamen (墌 blz. 36) M Motorzoomhendel [T/W] (墌 blz. 20) Volumeknop luidspreker [VOL. +, –] (墌 blz. 21) N Accuvergrendelingsknop [PUSH BATT.] (墌 blz. 13) O Start-/stopknop voor opnemen (墌 blz. 19) P Aan/uit-knop [REC, OFF, PLAY] (墌 blz. 14) Q Blokkeerknop (墌 blz. 14) R Schakelaar voor openen/uitwerpen cassette [OPEN/EJECT] (墌 blz. 17) Overige onderdelen Aansluitingen De aansluitingen bevinden zich achter de klepjes. S Audio-/Video-uitgangsaansluiting [AV] (墌 blz. 23, 43) T S-Video-Uitgang [S] (墌 blz. 23, 43) U DC-ingangsaansluiting [DC] (墌 blz. 13) V USB-aansluiting (Universal Serial Bus) (墌 blz. 45) W Digital Video-aansluiting [DV OUT] (i.Link*) (墌 blz. 44, 45) * i.LINK heeft betrekking op de IEEE1394-1995branchespecificatie en uitbreidingen daarvan. Het logo geeft aan dat de producten geschikt zijn voor i.LINK. 9 Y LCD-scherm (墌 blz. 19) Z Zoeker (墌 blz. 16) a Kaartsleufklepje [ ] (墌 blz. 17) b Accuhouder (墌 blz. 14) c Schouderriemoogje (墌 blz. 12) d Handgreepriem (墌 blz. 16) e Luidspreker (墌 blz. 21) f Lens g LED lamp (墌 blz. 36) h Camerasensor (Zorg dat u dit gebied niet afdekt, aangezien het een sensor bevat die nodig is om op te nemen.) i Stereomicrofoon j Geleidepengat (墌 blz. 17) k Statiefaansluiting (墌 blz. 17) l Deksel van de cassettehouder (墌 blz. 17) m Geheugenkaartsleuf (墌 blz. 18) Aanduidingen op het LCD-scherm of in de zoeker Tijdens video-opnames 1 23 4 – – –min LP 0 GELUID 12 B I T 9 15:55 8 PAUZ 5 WH 6 11 : 13 AM DEC. 6 . 2006 7 a Aanduiding voor het lopen van de band (墌 blz. 19) B Aanduiding voor vertraagde opnamen (墌 blz. 36) C Opnamesnelheid (SP/LP) (墌 blz. 32) D Resterende bandduur (墌 blz. 19) E OPN: (Verschijnt tijdens het opnemen.) (墌 blz. 19) PAUZ: (Verschijnt in de stand Opnamestandby.) (墌 blz. 19) SLOW: (Verschijnt tijdens het gebruik van Vertraagde opnamen.) (墌 blz. 36) VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE AAN DE SLAG AAN DE SLAG 10 NE AAN DE SLAG F Aanduiding voor geselecteerd wipe-/fade- H Aanduiding voor Programma AE-stand effect (墌 blz. 41) G Datum/Tijd (墌 blz. 34) H Tijdcode (墌 blz. 34) I Digitale beeldstabilisatiefunctie (“STABIEL”) (墌 blz. 32) J GELUID 12BIT/16BIT: Aanduiding van de geluidsstand (墌 blz. 32) (Verschijnt ongeveer vijf seconden lang nadat u de camcorder hebt aangezet.) Alleen tijdens D.S.C.-opnames 3 2 1 640 15 a Beeldgrootte: 640 (640 x 480) (墌 blz. 26) B Beeldkwaliteit: (FIJN) en (STANDAARD) (in volgorde van kwaliteit) (墌 blz. 34) C Resterend aantal opnames (墌 blz. 26) (Toont het geschatte aantal resterende beelden dat nog kan worden opgeslagen tijdens D.S.C.-opnamen.) 1 2 3 4 5 6 7 8 M Wide (16:9) mode Indicator qw 0 : Verschijnt tijdens het opnemen. : Knippert (wit) wanneer geen geheugenkaart is geladen. : Knippert (geel) als de camcorder de gegevens in de geheugenkaart leest. M PHOTO: (Verschijnt wanneer u een momentopname maakt.) (墌 blz. 38) N : Aanduiding voor spotbelichtingsregeling (墌 blz. 40) : Aanduiding voor achtergrondlichtcompensatie (墌 blz. 40) : Vergrendelingsaanduiding voor iris (墌 blz. 39) ±: Aanduiding voor belichtingsinstelling (墌 blz. 39) O Aanduiding voor windruisvermindering (墌 blz. 33) P Datum (墌 blz. 16) Q Aanduiding voor handmatig scherpstellen (墌 blz. 38) Tijdens 16:9-opnames Zowel tijdens video- als D.S.C.-opnames 9 (墌 blz. 42) I Zoomwaarde bij benadering (墌 blz. 20) J Zoomaanduiding (墌 blz. 20) K Opnamepictogram (墌 blz. 26) L Kaartpictogram (墌 blz. 27) 16:9 10 x PHOTO 3 e r t D C. 6 . 2006 u y a Indicator batterijspanning B Gebruiksstand A : Automatische stand M : Handmatige stand C LED lampaanduiding (墌 blz. 36) D : Night-Scope-aanduiding (墌 blz. 37) : Stand Gain Up (墌 blz. 33) E Sluitertijd (墌 blz. 42) F Witbalansaanduiding (墌 blz. 41) G Aanduiding voor effectstand (墌 blz. 42) 25x PHOTO 120min Het onderste gedeelte van het scherm wordt donker wanneer “16:9” wordt geselecteerd in Wide Mode (墌 blz. 37). Sommige aanduidingen worden in het gedeelte weergegeven. AAN DE SLAG Tijdens videoweergave 1 2 11 Tijdens D.S.C.-weergave 3 45 1 25min 100-0013 12BIT HELDERHEID –5 BLANCO ZOEKEN ANNULEREN = STOP INDRUKKEN 3 VOLUME 1:15 PM 1.1.2006 15:29:03 8 7 6 2 a Map-/bestandsnummer (墌 blz. 27) B Aanduiding van gebruiksstand (墌 blz. 27) C Aanduiding voor helderheidsinstelling (LCD-scherm/zoeker) (墌 blz. 17) a Indicator batterijspanning (墌 blz. 49) B Aanduiding voor zoeken naar lege gedeelten Meegeleverde accessoires (墌 blz. 22) C Bandsnelheid (SP/LP) (墌 blz. 35) (Alleen de LP-aanduiding wordt weergegeven) D De Indicator van de cassette E 4: Afspelen 5: Doorspoelen/snelzoeken 3: Terugspoelen/snelzoeken 9: Pauze 9 4: Voorwaartse beeld-voor-beeldweergave/slowmotion Y 9: Achterwaartse beeld-voor-beeldweergave/slowmotion D: Audiodubben 9D: Audiodubpauze F Datum/tijd (墌 blz. 34) G VOLUME: Aanduiding voor volumeniveau (墌 blz. 21) HELDERHEID: Aanduiding helderheidsinstelling (LCD-scherm/zoeker) (墌 blz. 17) H Tijdcode (墌 blz. 35) I Aanduiding van de geluidsstand (墌 blz. 35) OF a b c d e f g h i OF Netadapter AP-V17E, AP-V19E of AP-V14E Netsnoer (alleen voor de AP-V14E) Accu BN-VF707U Audio-/videokabel (ø3,5 mini-stekker naar RCA-stekker) USB-kabel Kernfilter (te bevestigen aan de USB-kabel, 墌 blz. 12 voor het bevestigen) Cd-rom Afstandsbediening RM-V720U Lithiumbatterij CR2025* (voor afstandsbediening) VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE AAN DE SLAG 9 NE 12 NE AAN DE SLAG j Schouderriem (voor het bevestigen, zie de 3 Schuif de riemgeleider volledig naar het rechter kolom) k Lensdop (voor het bevestigen, zie de rechter kolom) oogje toe. * Een lithiumbatterij (met isolatiefilm) werd in de fabriek vooraf in de afstandsbediening geïnstalleerd. Verwijder het isolatievelletje als u de afstandsbediening wilt gebruiken. Gesp Riemgeleider 2 2 OPMERKINGEN: ● Om de optimale prestaties van uw camcorder te waarborgen, kunt u de meegeleverde kabels voorzien van een of meer kernfilters. Als een kabel slechts voorzien is van één kernfilter, dient u het uiteinde van de kabel dat het dichtst bij het kernfilter zit op de camcorder aan te sluiten. ● Zorg dat u de aansluitingen tot stand brengt met de meegeleverde kabels. Gebruik geen andere kabels. De lensdop bevestigen U kunt de lens beschermen door de meegeleverde lensdop op de in de illustratie getoonde wijze aan de camcorder te bevestigen. 3 1 Oogje Bevestigen van het kernfilter Zet de kernfilters op de kabels vast. Kernfilters verminderen de interferentie. 1 Maak de klemmetjes aan beide uiteinden van het kernfilter los. OPMERKING: De lensdop is goed op de camcorder geplaatst als de dop rondom tegen de camcorder aan drukt. Klem 2 Leid de kabel door het kernfilter en laat ongeveer 3 cm kabel over tussen de stekker en het kernfilter. Draai de kabel eenmaal om de buitenkant het kernfilter heen, zoals staat aangegeven in de afbeelding. Hier plaatsen tijdens opnemen. 3 cm Kernfilter Bevestigen van de schouderriem Volg de illustraties. 1 Haal de riem door het oogje. 2 Buig de riem naar achteren en haal het uiteinde ervan door de riemgeleider en de gesp. Eenmaal opdraaien. 3 Sluit het kernfilter tot het dichtklikt. ● Om de lengte van de riem af te stellen, maakt u hem eerst los en dan trekt u hem strak in de gesp. OPMERKINGEN: ● Zorg dat u de kabel niet beschadigt. ● Wanneer u kabels aansluit, dient u het uiteinde met het kernfilter op de camcorder aan te sluiten. AAN DE SLAG 13 De accu losmaken Stroomvoorziening Met het dubbele stroomtoevoersysteem van deze camcorder kunt u zelf de meest geschikte stroombron kiezen. Gebruik de meegeleverde stroomtoevoerapparaten niet voor andere apparatuur. De accu opladen Schuif de batterij omhoog terwijl u op PUSH BATT. drukt om deze te ontkoppelen. Accu BN-VF707U* BN-VF714U BN-VF733U Oplaadtijd Ong. 1 uur 30 min. Ong. 2 uur 40 min. Ong. 5 uur 40 min. * Meegeleverd PUSH BATT. Accu Lampje POWER/ CHARGE Pijl Naar stopcontact Aan/uit-knop Netadapter (ex. AP-V17E) 1 Zet de aan/uit-knop op “OFF”. 2 Zorg dat de pijl op de accu naar beneden wijst en druk de accu voorzichtig tegen de accuhouder a. 3 Schuif de accu omlaag tot deze vastklikt b. 4 Sluit de netadapter aan op de camcorder. 5 Sluit het netsnoer aan op de netadapter. (alleen AP-V14E) 6 Steek het uiteinde van het netsnoer in een stopcontact. Het lampje POWER/CHARGE op de camcorder gaat knipperen om aan te geven dat het laden is begonnen. ● Dit product bevat gepatenteerde en andere gelicentieerde technologie en werkt alleen met JVC-Batterijstatus. Gebruik de JVC BN-VF707U/VF714U/VF733U accu’s. Als u nietJVC-batterijen gebruikt, kan er schade aan het interne oplaadsysteem ontstaan. ● Verwijder indien nodig eerst de beschermdop van de accu. ● De camcorder kan tijdens het opladen niet worden gebruikt. ● Het opladen is niet mogelijk bij gebruik van een verkeerde accu. ● Het lampje POWER/CHARGE gaat mogelijk niet branden wanneer u de accu voor het eerst gebruikt of nadat u de accu lang niet heeft gebruikt. U moet de accu in dat geval even van de camcorder verwijderen en dan weer terug plaatsen en opnieuw proberen te laden. ● Wanneer de gebruiksduur heel kort blijkt te zijn hoewel de accu volledig opgeladen was, is de accu versleten en zult u deze dienen te vervangen. Koop in dat geval een nieuwe. ● Aangezien binnen in de netadapter elektriciteit wordt verwerkt, wordt de adapter warm tijdens het gebruik. Zorg dan ook dat u de adapter altijd in een goed geventileerde ruimte gebruikt. ● Als u de optionele acculader AA-VF7 gebruikt, kunt u de accu BN-VF707U/VF714U/VF733U laden zonder de camcorder. ● Als er in de stand Opnamestand-by 5 minuten verstrijken terwijl de cassette is geplaatst en er geen bewerking wordt uitgevoerd (de “PAUZ” aanduiding wordt niet weergegeven), wordt de stroomtoevoer van de netspanningsadapter automatisch uitgeschakeld. In dit geval begint het opladen van de accu als de accu is aangesloten op de camcorder. 7 Wanneer het lampje POWER/CHARGE dooft, is het opladen voltooid. Trek de stekker van de netadapter uit het stopcontact. Koppel de netadapter van de camcorder los. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE AAN DE SLAG OPMERKINGEN: Accuhouder Naar DCaansluiting NE 14 NE AAN DE SLAG De accu gebruiken Informatie over accu’s Voer de stappen 2 – 3 van “De accu opladen” uit. GEVAAR! Probeer de accu’s niet uit elkaar te halen en stel ze niet bloot aan vlammen of extreme hitte, want dit kan leiden tot brand of een ontploffing. WAARSCHUWING! Laat de accu of de aansluitingen van de accu niet in contact komen met metalen, want dit kan resulteren in kortsluiting en kan mogelijk brand veroorzaken. De accuspanningsindicatie weer terug zetten op de juiste instelling Wanneer de accuspanningsindicatie niet overeenkomt met de juiste accuspanning, dient u de accu volledig op te laden en weer te ontladen. Het is echter mogelijk dat u deze functie niet meer op de juiste instelling kunt terugzetten als de accu lange tijd onder extreem hoge/lage temperaturen is gebruikt of te vaak is opgeladen. Maximale continue opnametijd Accu BN-VF707U* BN-VF714U BN-VF733U LCD-scherm Zoeker ingeschakeld ingeschakeld 1 uur 45 min. 2 uur 3 uur 35 min. 4 uur 8 uur 25 min. 9 uur 25 min. * Meegeleverd OPMERKINGEN: ● De opnametijd zal onder de volgende omstandigheden aanzienlijk korter uitvallen: • Als u de zoomstand of de stand Opnamestandby regelmatig inschakelt. • Als het LCD-scherm vaak wordt gebruikt. • Als u regelmatig de weergavestand inschakelt. • Als de LED lamp wordt gebruikt. ● Voordat u een langere periode met de camcorder gaat opnemen, is het raadzaam genoeg accu’s bij de hand te hebben voor ongeveer 3 maal de geplande opnameduur. LET OP: Zorg voordat u de stroombron loskoppelt dat de spanning van de camcorder is uitgeschakeld. Dit nalaten kan een onjuist functioneren veroorzaken. Batterijstatussysteem U kunt de resterende batterijspanning en de resterende opnametijd controleren. 1) Controleer of de batterij is geplaatst en of de aan/uit-knop op “OFF” staat. 2) Open de LCD-scherm volledig. 3) Druk op DATA. Het batterijstatusscherm verschijnt. ● U kunt dit op de zoeker weergeven wanneer het LCD-scherm is gesloten. ● Het wordt 3 seconden weergegeven als u op de knop drukt en deze meteen loslaat, en 15 seconden als u de knop enkele seconden ingedrukt houdt. ● Wanneer “COMMUNICATIEFOUT” verschijnt in plaats van de batterijstatus, zelfs als u een aantal keren op DATA hebt gedrukt, kan er een probleem zijn met de batterij. Neem in dat geval contact op met de dichtstbijzijnde JVCleverancier. Netstroom gebruiken Voer de stappen 4 – 5 van “De accu opladen” uit. OPMERKING: De bijgeleverde netadapter kiest automatisch het voltage binnen het bereik van 110 V t/m 240 V wisselstroom. Gebruiksstand U zet de camcorder aan door de aan/uit-knop op een van de gebruiksstanden te zetten (niet op “OFF”) terwijl u de blokkeerknop op de aan/uitknop ingedrukt houdt. Lampje Blokkeerknop POWER/ CHARGE VIDEO/ MEMORY AUTOMENU Aan/uit-knop Kies de gewenste gebruiksstand met de aan/uitknop en de schakelaar VIDEO/MEMORY. Stand aan/uit-knop REC: ● Hiermee kunt u opnemen op de band. ● Hiermee kunt u verschillende opnamefuncties instellen met de menu's. (墌 blz. 31) OFF: Hiermee zet u de camcorder uit. AAN DE SLAG Stand van de schakelaar VIDEO/MEMORY VIDEO: Hiermee kunt u beelden op een band opnemen of een band afspelen. Als “OPNEMEN OP” is ingesteld op “ / ” (墌 blz. 34), worden stilbeelden zowel op de band als op de geheugenkaart opgenomen. MEMORY: Hiermee kunt u opnemen op een geheugenkaart of toegang krijgen tot gegevens die op een geheugenkaart zijn opgeslagen. Automatische/Handmatige Stand Druk herhaaldelijk op de AUTO knop om te schakelen tussen de automatische of handmatige opnamestand. Als de handmatige modus is geselecteerd, wordt de aanduiding “M” weergegeven op het LCD-scherm. Automatische stand: A U kunt opnemen zonder speciale effecten of handmatige aanpassingen. Handmatige stand: M Handmatige opname is mogelijk als u verschillende functies instelt. M 15 Aan-/uitzetten Als de aan/uit-knop is ingesteld op “REC”, kunt u de camcorder ook aan-/uitzetten door het LCDscherm te openen/sluiten of door de zoeker uit te trekken/in te duwen. INFORMATIE: In de hiernavolgende beschrijvingen wordt aangenomen dat u de LCD-scherm gebruikt tijdens de bedieningen. Als u de zoeker wilt gebruiken, vouw dan de LCD-scherm dicht en trek de zoeker volledig naar buiten. Taalinstellingen U kunt de taal op de display wijzigen. (墌 blz. 34) 1 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/ uit-knop op "REC". 2 Open de LCD-scherm volledig. (墌 blz. 19) Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) LANGUAGE 0001 DEMO 3 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 4 Druk op , , of om “DISPLAY” (CAMERAWEERGAVE) te selecteren. Druk op SET. Het menu DISPLAY (CAMERAWEERGAVE) verschijnt. 5 Druk op , , of om “LANGUAGE” te selecteren. Druk op SET. 6 Druk op of om de gewenste taal te selecteren en druk op SET of . ● Druk op als u wilt annuleren of wilt terugkeren naar het vorige menuscherm. 7 Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten. AAN DE SLAG PLAY: ● Hiermee kunt u de op band opgenomen beelden afspelen. ● Hiermee kunt u een op een geheugenkaart opgeslagen stilbeeld weergeven of overbrengen naar een computer. ● Hiermee kunt u via de menu’s verschillende opnamefuncties instellen. (墌 blz. 31) NE 16 NE AAN DE SLAG Datum/tijd instellen De handgreep verstellen De datum en tijd worden automatisch altijd op de band opgenomen. U kunt tijdens de weergave kiezen of u de datum al dan niet wilt weergeven. (墌 blz. 31, 34) 1 Voer de stappen 1 – 4 in “Taalinstellingen” in de linkerkolom uit. 2 Druk op , , of om “KLOK INST”, te selecteren en druk op SET. De datumnotatie wordt gemarkeerd. 3 Druk op of om de gewenste datumnotatie te selecteren en druk op SET of . Kies uit “MONTH.DATE.YEAR”, “DATE.MONTH.YEAR” en “YEAR.MONTH.DATE”. KLOK INST DATE . M ONTH . YEAR 1 Pas de klittenbandstrip aan. 2 Plaats uw rechterhand door de lus en houd de greep vast. 3 Plaats uw duim en uw vingers zo door de handgreep dat u de start-/ stopknop voor opnemen, de aan/uit-knop en de motorzoomhendel eenvoudig kunt bedienen. Stel de klittenbandstrip naar wens in. 2 4h 01. 0 1 . 2 006 0 0 : 00 4 Druk op of om de gewenste tijdsnotatie te selecteren en druk op SET of . Kies uit "24h" en "12h". 5 Stel het jaar, de maand, de dag, het uur en de minuten in. Druk op of om de waarde te selecteren en druk op SET of . Herhaal deze stap tot u alle instellingen hebt opgegeven. De zoeker verstellen 1 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en draai de aan/uit-knop naar “REC”. 2 Controleer of het LCD-scherm gesloten en vergrendeld is. Trek de zoeker helemaal uit en stel deze met de hand optimaal in. 3 Draai aan de dioptrie-regelknop totdat de aanduidingen in de zoeker scherp zijn. Voorbeeld: OPMERKING: Druk op instelling. om terug te keren naar de vorige 6 Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten. Dioptrie-regelknop LET OP: Let op dat u uw vingers niet bezeert wanneer u de zoeker uittrekt. AAN DE SLAG De helderheid van het LCD-scherm aanpassen 1 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en draai de aan/uit-knop naar “REC” of “PLAY”. Als u de opnamestand hebt ingeschakeld, stelt u de opnamestand in op “M”. NE 17 Plaatsen/verwijderen van een cassette Om een cassette te kunnen plaatsen of verwijderen, moet u de camcorder eerst aanzetten. OPEN/EJECT PUSH Deksel van de cassettehouder ● Als u de helderheid van de zoeker wilt aanpassen, trekt u de zoeker volledig naar buiten en stelt u “VOORRANG” in op “ZOEKER” (墌 blz. 31, 33). AAN DE SLAG 2 Open de LCD-scherm volledig. (墌 blz. 19) MENU HELDERHEID 3 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. Als de weergavestand is geactiveerd, gaat u verder met stap 5. 4 Druk op , , of om “DISPLAY” (CAMERAWEERGAVE) te selecteren en druk op SET. Het menu DISPLAY (CAMERAWEERGAVE) verschijnt. 5 Druk op of om “HELDERHEID” te selecteren en druk op SET of . Het menuscherm wordt gesloten en het menu voor de helderheid wordt weergegeven. 6 Druk op of tot de gewenste helderheid is bereikt en druk op SET of . 7 Druk op MENU om de helderheidsaanduiding vanaf het display te wissen. Bevestigen op een statief Als u de camcorder op een statief wilt plaatsen, plaatst u de geleidepen en de schroef op de juiste positie precies voor de statiefaansluiting en het geleidepengat van de camcorder. Draai de schroef vervolgens met de klok mee vast. ● Sommige statieven zijn niet voorzien van geleidepennen. Wisbeveiligin Cassettehouder gsknopje Zorg dat de vensterkant naar buiten is gericht. 1 Verschuif OPEN/EJECT en houd deze in de richting van de pijl gedrukt. Trek vervolgens het deksel van de cassettehouder open tot het vastklikt. De houder wordt automatisch geopend. ● Raak de interne onderdelen niet aan. 2 Plaats of verwijder een cassette en druk op “PUSH” (druk hier) om de cassettehouder te sluiten. ● U mag alleen op het met “PUSH” aangeduide deel drukken om de cassettehouder te sluiten; als u andere onderdelen aanraakt, kan uw vinger klem komen te zitten in de cassettehouder, hetgeen kan leiden tot letsel of tot schade aan het toestel. ● Wanneer de cassettehouder eenmaal is gesloten, wordt deze automatisch verder in het mechanisme getrokken. Wacht totdat de houder geheel in het mechanisme is getrokken alvorens het deksel van de cassettehouder te sluiten. ● Als de accu bijna leeg is, kan het zijn dat u het deksel van de cassettehouder niet kunt sluiten. Forceer de houder niet. Vervang de accu door een volledig opgeladen accu of sluit de camcorder aan op het lichtnet voordat u verdergaat. 3 Doe het deksel van de cassettehouder goed dicht totdat deze op zijn plaats vastklikt. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE 18 NE AAN DE SLAG U beschermt uw opnamen als volgt Schuif het wisbeveiligingsknopje aan de achterkant van de cassette in de richting van “SAVE”. Hierdoor kan er niet meer over een reeds bestaande opname op de cassette worden opgenomen. Als u op deze cassette wilt opnemen, moet u het knopje terugschuiven in de richting van “REC” voordat u de cassette in het toestel plaatst. Plaatsen/verwijderen van een geheugenkaart Kaartsleufklepje ( ) Etiket OPMERKINGEN: ● Wij adviseren u JVC digitale videocassettes te gebruiken om verzekerd te kunnen zijn van optimale prestaties met uw JVC digitale videocamera. ● Wanneer u een paar seconden wacht en de cassettehouder niet opengaat, moet u het deksel van de cassettehouder eerst even sluiten en het dan nogmaals proberen. Als de cassettehouder dan nog niet opengaat, zet u de camcorder uit, wacht u even en zet u de camcorder weer aan. ● Als de cassette niet correct wordt geladen, opent u het deksel van de cassettehouder volledig en verwijdert u de cassette. Probeer de cassette na een paar minuten opnieuw te plaatsen. ● Wanneer u de camcorder plotseling van een koude plaats naar een warme ruimte verplaatst, moet u even wachten met het openen van het deksel van de cassettehouder. Geheugenkaart (optioneel) Wis-/schrijfbeveiligingsknopje Schuine rand 1 Zorg dat de camcorder uit staat. 2 Open het kaartsleufklepje ( ). 3 U plaatst een geheugenkaart door deze stevig in de sleuf te drukken met de schuine rand eerst. U verwijdert een geheugenkaart door er eenmaal op te drukken. Wanneer de geheugenkaart dan uit de sleuf komt, trekt u de kaart er helemaal uit. ● Raak het contactpunt aan de achterzijde van de etiketkant niet aan. 4 Sluit het kaartsleufklepje. Waardevolle bestanden beveiligen (alleen beschikbaar voor SD-geheugenkaart) Schuif het wis-/schrijfbeveiligingsknopje aan de zijkant van de geheugenkaart naar de tekst “LOCK” toe. Hierdoor voorkomt u dat over de op de geheugenkaart aanwezige bestanden kan worden opgenomen. Als u op deze geheugenkaart wilt opnemen, schuift u de knop weg van de tekst “LOCK” voordat u de kaart in het toestel plaatst. OPMERKINGEN: ● Sommige merken geheugenkaart kunnen niet in deze camcorder worden gebruikt. Raadpleeg de fabrikant of de dealer voor u een geheugenkaart aanschaft. ● Voor u een nieuwe geheugenkaart kunt gebruiken, moet u deze eerst formatteren. (墌 blz. 30) LET OP: Plaats of verwijder de geheugenkaart niet terwijl de camcorder aan staat. Hierdoor kunnen de op de geheugenkaart opgeslagen gegevens onleesbaar worden of kan de camcorder mogelijk niet meer herkennen of er al dan niet een kaart in het toestel aanwezig is. VIDEOBEELDEN OPNEMEN OPMERKING: Voer voordat u verdergaat de onderstaande procedures uit: ● Stroomvoorziening (墌 blz. 13) ● Een cassette plaatsen (墌 blz. 17) VIDEO/MEMORY Motorzoomhendel Lampje POWER/CHARGE Blokkeerknop Start-/stopknop voor opnemen 1 Verwijder de lensdop. (墌 blz. 12) 2 Open het LCD-scherm volledig. 3 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. 4 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en draai de aan/uit-knop naar “REC”. ● Het lampje POWER/CHARGE gaat aan en de camcorder wordt in de opnamewachtstand gezet. De tekst “PAUZ” verschijnt. ● Als u wilt opnemen met de opnamesnelheid LP (Long Play), 墌 blz. 32. 5 U begint met opnemen door de start/stop-knop voor opnemen in te drukken. Terwijl de opname bezig is, wordt “T OPN” op het display getoond. 6 Het opnemen wordt stopgezet als u nogmaals op de start/stop-knop voor opnemen drukt. De camcorder wordt nu weer in de stand Opnamestand-by geplaatst. Opnametijd bij benadering Opnamesnelheid Band 30 min. SP 30 min. LP 45 min. 60 min. 60 min. 90 min. 80 min. 80 min. 120 min. OPMERKINGEN: ● Wanneer de stand Opnamestand-by 5 minuten ononderbroken ingeschakeld blijft en er geen bewerking wordt uitgevoerd (de “T PAUZ” aanduiding wordt wellicht niet weergegeven), wordt de camcorder automatisch uitgeschakeld. Als u de camcorder weer wilt inschakelen, drukt u de zoeker in en trekt u deze uit of sluit en opent u het LCD-scherm. 19 Resterende bandduur Op het LCD-scherm staat 62 min aangegeven hoeveel tijd er nog ongeveer op de band over is. “---min” betekent dat de resterende duur op dat moment wordt berekend. Als de resterende bandduur 2 minuten bereikt, beginnen de cijfers op het scherm te knipperen. ● De tijd die nodig is om de resterende bandduur te berekenen en weer te geven evenals de nauwkeurigheid van de berekening kunnen variëren naar gelang het gebruikte bandtype. LCD-scherm en zoeker Opnemen met het LCD-scherm: Controleer of de zoeker helemaal ingedrukt is. Trek aan het uiteinde van het LCD-scherm en open het scherm volledig. Het LCD-scherm kan 270° draaien (90° naar beneden, 180° naar boven). Opnemen met de zoeker: Controleer of het LCD-scherm gesloten en vergrendeld is. Trek de zoeker helemaal uit. 180˚ 90˚ OPMERKINGEN: ● Het beeld wordt nooit tegelijkertijd op het LCDscherm en in de zoeker weergegeven. Als u de zoeker uittrekt terwijl het LCD-scherm geopend is, kunt u kiezen welke van de twee u wilt gebruiken. Stel “VOORRANG” via het menu SYSTEEM op de gewenste stand in. (墌 blz. 31, 33) ● Overal op het LCD-scherm of in de zoeker kunnen fel gekleurde punten verschijnen. Dit is normaal en duidt niet op een defect. (墌 blz. 48) VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN Standaardopnames maken NE ● De tijdcode wordt onderbroken en er worden mogelijk fouten bij het monteren gemaakt als er een leeg gedeelte tussen opgenomen scènes op de band voorkomt. Zie “Opname midden op een band” (墌 blz. 21) als u dit wilt vermijden. ● Om de pieptoon uit te schakelen, 墌 blz. 31, 33. 20 NE VIDEOBEELDEN OPNEMEN Zoomfunctie Journalistenopnames In- en uitzoomen of het direct vergroten of verkleinen van een beeld. In sommige situaties kunnen andere opnamehoeken meer spectaculaire resultaten opleveren dan bij normale opnames. Houd de camcorder in de gewenste stand en draai het LCD-scherm in de juiste richting. Het LCDscherm kan 270° draaien (90° naar beneden, 180° naar boven). Inzoomen Verschuif de motorzoomhendel naar “T”. Uitzoomen Verschuif de motorzoomhendel naar “W”. ● Het zoomen wordt sneller uitgevoerd naarmate u de motorzoomhendel verder weg drukt. Inzoomen (T: Telephoto (teleopname)) 1x 10x 20x 40x Interface-opname Uitzoomen (W: Wide angle (breedhoekopname)) 10 x Digitaal zoombereik 32X (optisch) zoombereik Zoomwaarde bij benadering OPMERKINGEN: ● Scherpstellen is soms niet eenvoudig tijdens het in-/uitzoomen. U kunt dan de zoomwaarde instellen terwijl de camcorder in de stand Opnamestand-by staat, de scherpstelling (墌 blz. 38) handmatig vastzetten en vervolgens in- of uitzoomen in de opnamestand. ● U kunt tot 800X inzoomen of overschakelen naar een optische vergroting van maximaal 32X. (墌 blz. 33) ● Inzoomen met een sterkere vergroting dan 32X gebeurt op digitale wijze en wordt om die reden digitaal inzoomen genoemd. ● Bij het digitaal inzoomen kan de beeldkwaliteit nadelig worden beïnvloed. ● U kunt niet digitaal inzoomen als de schakelaar VIDEO/MEMORY op “MEMORY” staat. ● Macro-opnamen (tot ongeveer 5 cm vanaf het onderwerp) zijn mogelijk wanneer de motorzoomhendel helemaal op “W” is ingesteld. Zie ook “MACRO” in het menu FUNCTION op bladzijde 32. ● Als u een onderwerp filmt dat zich dicht bij de lens bevindt, moet u eerst uitzoomen. Als in de autofocusstand is ingezoomd, is het mogelijk dat automatisch wordt uitgezoomd als de afstand tussen camcorder en onderwerp dit vereist. Dit gebeurt niet als “MACRO” is ingesteld op “AAN”. (墌 blz. 32) De persoon die u opneemt, kan zichzelf bekijken in het LCD-scherm en u kunt ook uzelf opnemen terwijl u uw eigen beeld bekijkt in het LCDscherm. 1) Open het LCD-scherm en kantel het scherm 180° naar boven zodat het LCD-scherm naar buiten wijst. Schuif vervolgens de zoeker volledig uit. 2) Richt de lens op het onderwerp (op uzelf als u een zelfopname maakt) en start de opname. ● Tijdens de interfaceopname wordt het beeld op het scherm omgekeerd weergegeven, net zoals in een spiegel. Het beeld wordt echter niet omgekeerd opgenomen. ● Als Snelle controle (墌 blz. 21) wordt uitgevoerd tijdens de interface-opname, wordt het LCD-scherm uitgeschakeld. ● Controleer in dat het geval het weergegeven beeld in de zoeker. Als u het weergegeven beeld in het LCD-scherm wilt controleren, sluit u de zoeker. VIDEOBEELDEN WEERGEVEN NE 21 Tijdcode Snelle controle Tijdens het opnemen wordt een tijdcode op de band aangebracht. Met deze code kunt u de plaats van een opgenomen scène op de band tijdens de weergave controleren. Hiermee kunt u het einde van de laatste opname controleren. 1) Druk tijdens de opname-standbymodus op QUICK REVIEW. 2) De tape wordt enkele seconden teruggespoeld en automatisch afgespeeld, en wordt vervolgens in de opname-standbymodus gepauzeerd voor de volgende opname. Minuten Seconden 12 : 34 : 24 Beelden* (25 beelden = 1 seconde) * Beeldnummers worden tijdens de opname niet getoond. Indien u de opname vanaf een blanco gedeelte start, begint de tijdcode te lopen vanaf “00:00:00” (minuten:seconden:frame). Indien u vanaf een reeds opgenomen gedeelte start, zal de tijdcode vanaf het laatste tijdcodenummer verder lopen. De tijdcode wordt onderbroken wanneer er tijdens het opnemen halverwege de cassette een blanco gedeelte op de band wordt gelaten. Bij het hervatten van de opname begint de tijdcode weer te lopen bij “00:00:00”. Er zullen in dat geval mogelijk dezelfde tijdcodes worden aangebracht als bij eerder opgenomen scènes. U kunt dit voorkomen door “Opname midden op een band” (墌 blz. 21) in de volgende gevallen uit te voeren: ● Als u na weergave van een opgenomen cassette de opname op deze cassette wilt vervolgen. ● Als tijdens het opnemen de stroomtoevoer wordt onderbroken. ● Als u tijdens het opnemen de cassette verwijdert en weer terugplaatst. ● Als u op een gedeeltelijk opgenomen cassette wilt opnemen. ● Als u op een leeg gedeelte tussen opnamen op de cassette wilt opnemen. ● Als u na opname van een scène het opnemen hervat en vervolgens het deksel van de cassettehouder opent en weer sluit. OPMERKINGEN: ● De tijdcode kan niet op nul worden gezet. ● Tijdens het snel door- en terugspoelen zal de weergave van de tijdcode mogelijk niet soepel lopen. ● De tijdcode wordt alleen weergegeven als “TIJDCODE” is ingesteld op “AAN”. (墌 blz. 34) ● Bij het begin van het afspelen kan vervorming optreden. Dit is normaal. Opname midden op een band 1) Speel de band af of gebruik de functie voor het zoeken naar blanco gedeelten (墌 blz. 22) om het punt op te zoeken waarvandaan u de opname wilt laten beginnen en schakel vervolgens de stilbeeldweergavestand in. (Zie de rechter kolom.)(墌 blz. 22) 2) Zet de aan/uit-knop op “REC” terwijl u de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt houdt en begin vervolgens op te nemen. Normale weergave 5 4/9 3 VOL. +/– Blokkeerknop Luidspreker VIDEO/ MEMORY Aan/uit-knop 8 1 Plaats een cassette. (墌 blz. 17) 2 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. 3 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “PLAY”. 4 Druk op 4/9 om de weergave te starten. 5 Druk op 8 om de weergave te stoppen. ● Druk in de stopstand op 3 om de band terug te spoelen of op 5 om de band snel door te spoelen. Het volume van de luidspreker regelen Verschuif de motorzoomhendel (VOL. +/–) naar “+” om het volume te verhogen of naar “–” om het te verlagen. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN Display 22 NE VIDEOBEELDEN WEERGEVEN OPMERKINGEN: ● U kunt het weergegeven beeld op het LCDscherm, in de zoeker of op een aangesloten tv bekijken. (墌 blz. 23) ● Als de stopstand 5 minuten lang ingeschakeld blijft wanneer een accu de stroombron is, wordt de camcorder automatisch uitgezet. Om de camcorder weer aan te zetten, dient u de aan/uitknop eerst naar “OFF” en vervolgens naar “PLAY” te draaien. ● Wanneer een kabel is aangesloten op de S/AVaansluiting, wordt via de luidspreker geen geluid weergegeven. Stilbeelden weergeven Deze functie onderbreekt de weergave van videobeelden. 1) Druk tijdens de weergave op 4/9. 2) Druk nogmaals op 4/9 om de weergave te hervatten. ● Als een stilbeeld langer dan 3 minuten wordt weergegeven, wordt de stopstand van de camcorder automatisch ingeschakeld. Snelzoeken Deze functie laat u tijdens de weergave van videobeelden met hoge snelheid in voor- of achterwaartse richting zoeken. 1) Druk op 5 voor voorwaarts zoeken of op 3 voor achterwaarts zoeken. 2) Druk op 4/9 om de normale weergave te hervatten. ● Houd tijdens de weergave 5 of 3 ingedrukt. Het zoeken zal doorgaan zo lang u de toets ingedrukt houdt. De normale weergave start weer zodra u de toets loslaat. ● Tijdens het snelzoeken met hoge snelheid krijgt het beeld mogelijk een mozaïekachtig effect. Dit is normaal en duidt niet op een defect. LET OP: Tijdens het snelzoeken zijn delen van het beeld mogelijk niet duidelijk zichtbaar, met name aan de linkerzijde van het scherm. Blanco gedeelten zoeken Deze functie helpt u een plek in het midden van de band te vinden waar u een nieuwe opname kunt beginnen zonder tijdcodes te verstoren. (墌 blz. 21) 1 Plaats een cassette. (墌 blz. 17) 2 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. 3 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “PLAY”. 4 Druk op BLANK. Het menuscherm verschijnt. ● De aanduiding “BLANCO ZOEKEN” verschijnt en de camcorder gaat automatisch voor- of achterwaarts zoeken en stopt bij een punt op de band dat zich ongeveer 3 seconden vóór het gevonden blanco gedeelte bevindt. ● Als u het zoeken naar een blanco gedeelte halverwege wilt annuleren, drukt u op 8 of BLANK. OPMERKINGEN: ● Voordat wordt gezocht naar blanco gedeelten, als de huidige positie een blanco gedeelte is, zoekt de camcorder in achterwaartse richting. Als de huidige positie een opgenomen gedeelte is, zoekt de camcorder in voorwaartse richting. ● Als tijdens het zoeken naar een blanco gedeelte het begin of het einde van de band wordt bereikt, stopt de camcorder automatisch. ● Het is mogelijk dat blanco gedeelten van minder dan 5 seconden niet worden teruggevonden. ● Het gevonden blanco gedeelte kan tussen twee reeds opgenomen scènes liggen. Voor u begint met opnemen moet u daarom controleren of er zich na het gevonden blanco gedeelte geen ander materiaal bevindt. VIDEOBEELDEN WEERGEVEN NE 23 1 Zorg dat alle apparaten zijn uitgeschakeld. 2 Sluit de camcorder op een tv of videorecorder Verbindingen met een tv of videorecorder aan zoals in de afbeelding wordt getoond. Als u een videorecorder gebruikt, gaat u naar stap 3. Anders, gaat u naar stap 4. Naar S-aansluiting 3 Verbind de videorecorderuitgang met de tvingang (zie de gebruiksaanwijzing van uw videorecorder). 4 Zet de camcorder, videorecorder en tv aan. 5 Zet de videorecorder in de AUX-invoerstand Naar AVaansluiting en de tv in de videostand. Audio-/ videokabel (bijgeleverd) 1 S-kabel (optioneel) 2 Videorecorder 3 Instellen of de volgende aanduidingen al dan niet op de aangesloten tv moeten worden weergegeven 4 TV A Geel naar VIDEO IN (aansluiten wanneer uw tv/videorecorder alleen A/Vingangsaansluitingen heeft.) B Rood naar AUDIO R IN* C Wit naar AUDIO L IN* D Zwart naar S-VIDEO IN (aansluiten wanneer uw tv/videorecorder een S-VIDEO IN- en een A/V-ingangsaansluiting heeft. In dit geval is het niet nodig om de gele videokabel aan te sluiten.) * Niet vereist als u alleen stilbeelden wilt weergeven. OPMERKING: De S-videokabel is optioneel. Gebruik de YTU94146A S-videokabel. Neem voor meer informatie over de beschikbaarheid van deze kabel contact op met het JVC Service Centre dat wordt beschreven op het vel dat in de verpakking is bijgeleverd. Sluit het uiteinde met het kernfilter aan op de camera. Het kernfilter vermindert storing. ● Datum/tijd Stel “DATUM/TIJD” in op “AAN” of op “UIT”. (墌 blz. 31, 35) Of druk op DISPLAY op de afstandsbediening om de datumaanduiding in of uit te schakelen. ● Tijdcode Stel “TIJDCODE” in op “AAN” of op “UIT”. (墌 blz. 31, 35) ● Andere aanduidingen dan datum/tijd en tijdcode Stel “OP SCHERM” in op “UIT”, “LCD” of op “LCD/ TV”. (墌 blz. 31, 35) OPMERKINGEN: ● Gebruik bij voorkeur de netadapter als spanningsbron in plaats van de accu. (墌 blz. 14) ● Om de beelden en het geluid van de camcorder te kunnen volgen zonder een cassette of geheugenkaart in het toestel te doen, zet u de aan/uit-knop op “REC” en zet u vervolgens uw tv in de juiste stand. ● Zorg dat het volume van de tv zo laag mogelijk staat om te voorkomen dat er plotseling veel lawaai klinkt wanneer u de camcorder aanzet. VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN 6 Begin met afspelen op de camcorder. (墌 blz. 21) 24 NE VIDEOBEELDEN WEERGEVEN Weergeven met behulp van de afstandsbediening U kunt de afstandsbediening met volledige functionaliteit gebruiken om de camcorder op afstand te bedienen en om basishandelingen van de videorecorder (weergave, stoppen, pauze, doorspoelen, terugspoelen) uit te voeren. Bovendien zijn er aanvullende weergavefuncties mee mogelijk. (墌 blz. 25) Installeren van de batterij De afstandsbediening gebruikt één lithiumbatterij (CR2025). 1 Trek de batterijhouder 2 ● Hiervandaan wordt het infraroodsignaal verzonden. De volgende knoppen zijn alleen beschikbaar als de aan/uit-knop van de camcorder is ingesteld op “PLAY”. B PAUSE knop ● Hiermee onderbreekt u de weergave (墌 blz. 25) Omhoogknop (墌 blz. 25) C Terugspoelknop (SLOW) (墌 blz. 25) D REW knop ● Snel achterwaarts zoeken/snel voorwaarts zoeken op een band (墌 blz. 22) ● Hiermee geeft u het vorige bestand op de geheugenkaart weer (墌 blz. 26) Linker knop (墌 blz. 25) 1 naar buiten door op de 3 vergrendelknop te 1 drukken. 2 Plaats de batterij in de Vergrendelknop houder zodanig dat het “+” teken zichtbaar is. 3 Schuif de houder weer in de sleuf totdat u een klik hoort. Effectief bereik van de signalen (gebruik binnenshuis) Wanneer u de afstandsbediening gebruikt, dient u deze op de afstandsbedieningssensor te richten. Het geschatte effectieve bereik van de Sensor voor signalen voor gebruik afstandsbediening binnenshuis is 5 m. OPMERKING: Het verzonden signaal is mogelijk minder effectief of kan leiden tot onjuiste handelingen als de sensor direct wordt blootgesteld aan zonlicht of een krachtige lichtbron. Knoppen en functies A Infraroodzendvenster E INSERT knop (墌 blz. 46) F SHIFT knop (墌 blz. 25) G DISPLAY knop (墌 blz. 23, 43) H Vooruitspoelknop (SLOW) (墌 blz. 25) I PLAY knop ● Hiermee start u de weergave van een band (墌 blz. 21) ● Hiermee start u de automatische weergave van beelden die zich op een geheugenkaart bevinden (墌 blz. 27) J FF knop ● Doorspoelen van/snelzoeken op een band (墌 blz. 22) ● Hiermee geeft u het volgende bestand op een geheugenkaart weer (墌 blz. 26) Rechter knop (墌 blz. 25) K A. DUB knop (墌 blz. 46) L STOP knop ● Hiermee stopt u de band (墌 blz. 21) ● Hiermee stopt u de automatische weergave (墌 blz. 27) Omlaagknop (墌 blz. 25) M EFFECT knop (墌 blz. 25) N EFFECT ON/OFF knop (墌 blz. 25) De volgende knoppen zijn alleen beschikbaar als de aan/uit-knop van de camcorder is ingesteld op “REC”. o Zoomknoppen (T/W) In-/uitzoomen (墌 blz. 20, 25) (Ook beschikbaar als de aan/uit-knop op “PLAY” staat) p START/STOP knop Werkt hetzelfde als de start/stop-knop voor opnemen op de camcorder. q S.SHOT knop (Momentopname) Werkt hetzelfde als SNAPSHOT op de camcorder. (Ook beschikbaar als de aan/uit-knop op “PLAY” staat) VIDEOBEELDEN WEERGEVEN In-/ uitzoomen (T/W) PAUSE of (Omhoog) SLOW (YI) SLOW (IU) PLAY (Rechts) (Links) STOP of (Omlaag) SHIFT Weergave in slowmotion Druk tijdens normale weergave van videobeelden langer dan twee seconden op SLOW (YI of IU). ● Na ongeveer 10 minuten wordt verder gegaan met normaal afspelen. ● Als u de slowmotionweergave wilt onderbreken, drukt u op PAUSE (9). ● Als u de slowmotionweergave wilt stopzetten, drukt u op PLAY (U). OPMERKINGEN: ● Het is ook mogelijk om slowmotionweergave in te schakelen vanuit de stilbeeldweergave door meer dan twee seconden op SLOW (YI of IU) te drukken. ● Tijdens de slowmotionweergave kan het beeld een mozaïekachtig uiterlijk krijgen. Dit komt door de digitale beeldverwerking. ● Als u SLOW (YI of IU) indrukt en vasthoudt, is het mogelijk dat het stilbeeld een paar seconden lang wordt weergegeven, gevolgd door een paar seconden lang een blauw scherm. Dit is normaal en duidt niet op een defect. ● Tijdens de slowmotionweergave zijn er storingen in de video en het beeld lijkt soms onstabiel, vooral bij stilstaande beelden. Dit is normaal en duidt niet op een defect. Beeld-voor-beeld-weergave Druk tijdens normale weergave of stilbeeldweergave herhaaldelijk op SLOW (IU) om voorwaarts te gaan of op SLOW (YI) om achterwaarts te gaan. Elke keer dat u op SLOW (YI of IU) drukt, wordt het beeld weergegeven. Inzoomen tijdens weergave Deze functie stelt u in staat om tijdens de weergave van videobeelden en tijdens D.S.C.weergave het opgenomen beeld maximaal 25X uit te vergroten. 1) Druk op PLAY (U) om de videoweergave te starten. Of speel de beelden op de normale wijze af. NE 25 2) Druk op het punt waarop u wilt inzoomen op de zoomknop (T). ● Als u wilt uitzoomen, drukt u op de zoomknop (W). 3) Het is mogelijk om het beeld op het scherm te verplaatsen om zo een bepaald gedeelte van het beeld te vinden. Houd SHIFT ingedrukt en druk op (links), (rechts), (omhoog) en (omlaag). ● Als u wilt stoppen met in-/uitzoomen, houdt u W ingedrukt tot de uitvergroting weer normaal is. Of druk op STOP (8) en vervolgens op PLAY (U) tijdens de weergave van videobeelden. ● Als u het in-/uitzoomen tijdens de D.S.C-weergave wilt annuleren, drukt u op PLAY (U). OPMERKINGEN: ● U kunt de zoomfunctie ook gebruiken tijdens slowmotion- en stilbeeldweergave. ● Vanwege de digitale beeldverwerking kan de beeldkwaliteit nadelig worden beïnvloed. Speciale weergave-effecten Met deze functie kunt u creatieve beeldeffecten aan het weergegeven videobeeld toevoegen. SEPIA: Opgenomen beelden krijgen een bruine schijn, net als oude foto’s. ZWARTWIT: Net als bij de zwartwitfilms uit vroeger tijden worden uw beelden in zwartwit opgenomen. ANTKE FILM: Hierdoor krijgen opgenomen beelden een stroboscoopeffect. BLDEN LOS: De opname ziet er uit als een reeks opeenvolgende foto’s. 1) Druk op PLAY (U) om EFFECT ON/OFF EFFECT de weergave te starten. 2) Druk op EFFECT. Het selectiemenu WEERGAVE-EFFECT verschijnt. 3) Druk herhaaldelijk op EFFECT om de selectiebalk naar het gewenste effect te verplaatsen. ● De geselecteerde functie wordt ingeschakeld en het menu verdwijnt na twee seconden. ● Druk op EFFECT ON/OFF om het geselecteerde effect uit te schakelen. Druk nogmaals op EFFECT ON/OFF om het geselecteerde effect weer in te schakelen. ● Als u het geselecteerde effect wilt wijzigen, herhaalt u de procedure vanaf stap 2 hierboven. VIDEOBEELDEN OPNEMEN EN WEERGEVEN . 26 NE D.S.C.-WEERGAVE Basisopnames (D.S.C.momentopname) U kunt uw camcorder als digitale stilbeeldcamera gebruiken voor het maken van momentopnames. Stilbeelden worden op de geheugenkaart van de camcorder opgeslagen. OPMERKING: Voer voordat u verdergaat de onderstaande procedures uit: ● Stroomvoorziening (墌 blz. 13) ● Een geheugenkaart plaatsen (墌 blz. 18) VIDEO/MEMORY SNAPSHOT Blokkeerknop Aan/uit-knop 1 Verwijder de lensdop. 2 Open het LCD-scherm volledig. (墌 blz. 19) 3 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op Aantal beelden dat bij benadering kan worden opgeslagen ● Het aantal neemt toe of af al naar gelang de instellingen voor beeldkwaliteit/-grootte, enzovoort. Beeldgrootte/ beeldkwaliteit 640 x 480/FIJN 47 95 205 425 640 x 480/STANDAARD 160 295 625 1285 Beeldgrootte/ beeldkwaliteit ● Als u de beeldgrootte en/of beeldkwaliteit wilt wijzigen. (墌 blz. 31, 34) 5 Druk op SNAPSHOT. De aanduiding “PHOTO” wordt weergegeven terwijl u de momentopname maakt. MultiMediaCard* 8 MB 16 MB 32 MB 640 x 480/FIJN 57 105 215 640 x 480/STANDAARD 191 320 645 * Los verkrijgbaar Normale weergave van stilbeelden De met de camcorder gemaakte stilbeelden worden automatisch genummerd en in numerieke volgorde op de geheugenkaart opgeslagen. U kunt de opgeslagen beelden één voor één bekijken, alsof u door een fotoalbum bladert. “MEMORY”. 4 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en draai de aan/uit-knop naar “REC”. SD-geheugenkaart* 8 MB 16 MB 32 MB 64 MB 4/9 VOL. +/– Blokkeerknop Luidspreker VIDEO/ MEMORY MENU 8 ● Stilbeelden worden in de momentopnamestand zonder kader vastgelegd. ● Zie “Bestanden verwijderen” (墌 blz. 28) als u ongewenste momentopnamen wilt verwijderen. ● Als u het geluid van de sluiter niet wilt horen, stelt u “MELODIE” in op “UIT”. (墌 blz. 31, 33) 1 Plaats een geheugenkaart. (墌 blz. 18) 2 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op OPMERKING: ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “PLAY”. Als gedurende ongeveer 5 minuten geen opnames worden gemaakt terwijl de aan/uit-knop op “REC” staat en de stroom wordt geleverd door de accu, wordt de camcorder automatisch uitgeschakeld om energie te sparen. U kunt in dat geval weer momentopnames maken als u de zoeker indrukt en weer uittrekt of het LCD-scherm sluit en weer opent. “MEMORY”. 3 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ● Een opgeslagen beeld wordt op het display getoond. 4 Druk op om het vorige bestand weer te geven. Druk op om het volgende bestand weer te geven. EXTRA FUNCTIES VOOR D.S.C. OPMERKING: Beelden die zijn opgenomen en op de kaart zijn opgeslagen met een ander apparaat, dat andere resoluties biedt dan “640 x 480”, worden alleen als miniatuurbeelden weergegeven. Deze miniatuurbeelden kunnen niet naar een pc worden overgebracht. NE 27 Weergave van aanduidingen op het scherm verwijderen 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. Inzoomen tijdens weergave 2 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 3 Druk op , , of om “OP SCHERM” te Uitsluitend instelbaar met de afstandsbediening. (墌 blz. 25) selecteren en druk op SET. Het OP SCHERM Menu wordt weergegeven. Automatische weergave van beelden Het is mogelijk om automatisch alle op een geheugenkaart opgeslagen beelden één voor één weer te geven. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale 4 Druk op of om “UIT” te selecteren en druk op SET of , en vervolgens op MENU. De aanduiding van de gebruikersstand, het bestands-/mapnummer en de aanduiding voor resterende batterijduur verdwijnen. ● Als u de aanduidingen weer wilt laten weergeven, selecteert u “AAN”. Map-/bestandsnummer OP SCHERM UIT AAN weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 2 Druk op 4/9 om de automatische weergave te starten. ● Als u tijdens de automatische weergave op drukt, worden de bestanden in aflopende volgorde weergegeven. ● Als u tijdens de automatische weergave op drukt, worden de bestanden in oplopende volgorde weergegeven. 3 Als u de automatische weergave wilt beëindigen, drukt u op 8. Indexweergave van bestanden Het is mogelijk om meerdere op de geheugenkaart opgeslagen bestanden tegelijk weer te geven. Dankzij deze mogelijkheid is het eenvoudiger om specifieke bestanden terug te vinden. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 2 Druk op INDEX. Het index-scherm verschijnt. 3 Druk op , , of om het selectiekader naar het gewenste bestand te verplaatsen. Geselecteerde bestand 1 2 3 4 5 6 7 8 9 4 Druk op SET. Het geselecteerde bestand wordt weergegeven. Indexnummer Gebruiksstandaanduiding De bestandsnaam opnieuw instellen Als u de bestandsnaam opnieuw instelt, wordt een nieuwe map gemaakt. De nieuwe bestanden die u maakt, worden in deze nieuwe map opgeslagen. Het is handig om de nieuwe bestanden van eerder gemaakte bestanden te scheiden. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 2 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 3 Druk op , , of om “HERSTART NUMMERING” te selecteren. Druk op SET. Het scherm HERSTART NUMMERING verschijnt. 4 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. De nieuwe map (b.v. “101JVCGR”) wordt gemaakt en de bestandsnaam van de volgende opname begint vanaf DVC00001. OPMERKING: Wanneer de bestandsnaam DVC09999 bereikt, wordt een nieuwe map (bijvoorbeeld “101JVCGR”) gemaakt en de bestandsnaamnummering begint in die map opnieuw bij DVC00001. DIGITALE STILBEELDCAMERA (D.S.C.) OPNEMEN EN WEERGEVEN D.S.C.-WEERGAVE 28 NE EXTRA FUNCTIES VOOR D.S.C. De beveiliging opheffen Bestanden beveiligen De beveiligingsstand helpt te voorkomen dat bestanden ongewenst worden gewist. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 2 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 3 Druk op , , of om “BEVEILIGEN” te selecteren. Druk op SET. Het BEVEILIGEN verschijnt. Het weergegeven bestand beveiligen 4 Druk op of om “HUIDIGE” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm BEVEILIGEN verschijnt. BEVEILIGEN HUIDIGE ALLES BEVN CANC. ALLES 5 Druk op of om het gewenste bestand te selecteren. 6 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. BEVEILIGEN ● Als u de beveiliging wilt BEVEILIGD opheffen, selecteert u TERUG “TERUG”. ● Herhaal stap 5 en 6 voor alle bestanden die u wilt beveiligen. Alle op de geheugenkaart opgeslagen bestanden beveiligen 4 Druk op Voer voordat u de onderstaande procedure volgt, stap 1 – 3 bij “Bestanden beveiligen” uit. De beveiliging van het weergegeven bestand opheffen 4 Druk op of om BEVEILIGEN “HUIDIGE” te selecteren. Druk op SET of . Het BEVEILIGD scherm BEVEILIGEN verschijnt. 5 Druk op of om het gewenste bestand te selecteren. 6 Druk op of UITVOEREN TERUG om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. ● Als u de selectie wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. ● Herhaal stap 5 en 6 voor alle bestanden waarvan u de beveiliging wilt opheffen. De beveiliging opheffen van alle op de geheugenkaart opgeslagen bestanden 4 Druk op of om “CANC.ALLES” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm BEVEILIGEN verschijnt. 5 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. ● Als u de selectie wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. Bestanden verwijderen Reeds opgeslagen bestanden kunt u stuk voor stuk of allemaal tegelijk verwijderen. of om “ALLES BEVN” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm BEVEILIGEN verschijnt. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 5 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. 2 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 3 Druk op , , of om “VERWIJDER” te ● Als u de beveiliging wilt opheffen, selecteert u “TERUG”. OPMERKINGEN: ● Als de markering “ ” verschijnt, is het weergegeven bestand beveiligd. ● Als de geheugenkaart wordt geïnitialiseerd of beschadigd raakt, worden ook beveiligde bestanden gewist. Als u belangrijke bestanden zeker niet wilt kwijtraken, moet u ze naar een pc overbrengen en daar opslaan. selecteren. Druk op SET. Het submenu verschijnt. Het weergegeven bestand verwijderen 4 Druk op of om VERWIJDER “HUIDIGE” te selecteren. HUIDIGE ALLES Druk op SET of . Het scherm VERWIJDEREN verschijnt. 5 Druk op of om het gewenste bestand te selecteren. EXTRA FUNCTIES VOOR D.S.C. ● Als u het verwijderen wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. ● Herhaal stap 5 en 6 voor alle bestanden die u wilt verwijderen. VERWIJDEREN VERWIJDEREN? UITVOEREN TERUG OPMERKING: Als u de markering “ ” ziet, is het geselecteerde bestand beveiligd en kan het niet worden verwijderd. Alle op de geheugenkaart opgeslagen bestanden verwijderen 4 Druk op of om “ALLES” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm VERWIJDEREN verschijnt. 5 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. ● Als u het verwijderen wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. OPMERKINGEN: ● Beveiligde bestanden (墌 blz. 28) kunnen niet worden verwijderd. U kunt deze alleen verwijderen als u eerst de beveiliging opheft. ● Wanneer bestanden eenmaal zijn verwijderd, kunt u deze niet meer terughalen. Controleer voordat u bestanden verwijdert of u ze wel echt wilt verwijderen. LET OP: Verwijder de geheugenkaart niet en voer ook geen andere handelingen uit (zet bijvoorbeeld de camcorder niet uit) terwijl u bestanden verwijdert. Zorg ook dat u de meegeleverde netadapter gebruikt, aangezien de gegevens op de geheugenkaart beschadigd kunnen raken als de accu tijdens het verwijderen leegraakt. Als de gegevens op de geheugenkaart beschadigd raken, initialiseert u de kaart. (墌 blz. 30) 29 Afdrukinformatie instellen (instelling AFDRUKINFO) Deze camcorder is compatibel met de standaard AFDRUKINFO (Digital Print Order Format) om ondersteuning te kunnen bieden voor toekomstige systemen, zoals automatisch afdrukken. U kunt een van de twee afdrukinformatie-instellingen selecteren voor beelden die op de geheugenkaart zijn opgeslagen: “Alle stilbeelden afdrukken (één afdruk per stilbeeld)” of “Afdrukken door stilbeelden en het aantal afdrukken te selecteren”. OPMERKING: Als u een geheugenkaart plaatst die al op de hieronder getoonde wijze is ingesteld met een printer die compatibel is met AFDRUKINFO, worden automatisch afdrukken gemaakt van de geselecteerde stilbeelden. Alle stilbeelden afdrukken (één afdruk per stilbeeld) 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Normale weergave van stilbeelden” (墌 blz. 26) uit. 2 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 3 Druk op , , of AFDRUKINFO om “AFDRUKINFO” te selecteren. Druk op SET. Het AFDRUKINFO (DPOF) Menu wordt weergegeven. HUIDIGE ALLES 1 HERSTARTEN 4 Druk op of om “ALLES 1” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm AFDRUKINFO (DPOF) verschijnt. 5 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. Het normale weergavescherm verschijnt. ● Als u de selectie wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. AFDRUKINFO (DPOF) ALLES 1? UITVOEREN TERUG VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE DIGITALE STILBEELDCAMERA (D.S.C.) OPNEMEN EN WEERGEVEN 6 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. NE 30 NE EXTRA FUNCTIES VOOR D.S.C. Afdrukken door stilbeelden en het aantal afdrukken te selecteren Het aantal afdrukken weer op nul instellen 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Alle stilbeelden afdrukken (één afdruk per stilbeeld)” uit. afdrukken (één afdruk per stilbeeld)” uit. (墌 blz. 29) 2 Druk op of om “HUIDIGE” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm AFDRUKINFO (DPOF) verschijnt. 3 Druk op of om het gewenste bestand te selecteren. AFDRUKINFO (DPOF) BLADEN 00 TERUG of om de nummeraanduiding (00) te selecteren en druk op SET. of om “TERUG” te selecteren. Druk op SET. De tekst “BEWAREN?” verschijnt. ● Als u in stap 3 tot en met 5 geen instellingen had gewijzigd, verschijnt het menuscherm weer. of om “HERSTARTEN” te selecteren. Druk op SET of . Het scherm AFDRUKINFO (DPOF) verschijnt. 3 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. Het normale weergavescherm verschijnt. ● Als u de selectie wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. ● Het aantal afdrukken wordt voor alle stilbeelden op nul ingesteld. Terwijl u de bovenstaande procedure uitvoert, mag u de stroomtoevoer nooit onderbreken, aangezien de geheugenkaart hierdoor beschadigd kan raken. AFDRUKINFO (DPOF) BLADEN F Een geheugenkaart initialiseren 05 ● Herhaal stap 3 tot en met 5 voor het gewenste aantal afdrukken. ● Het maximumaantal afdrukken dat u kunt instellen, is 15. ● Als u het aantal afdrukken wilt wijzigen, selecteert u het beeld nogmaals en past u het aantal aan. 6 Druk op 2 Druk op LET OP: 4 Druk op 5 Selecteer het aantal afdrukken door op te drukken om het aantal te verhogen of op om het aantal te verlagen. Druk vervolgens op SET. 1 Voer de stappen 1 – 3 van “Alle stilbeelden AFDRUKINFO (DPOF) BEWAREN? UITVOEREN ANNULEREN 7 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren en de instelling op te slaan die u net hebt opgegeven. Druk vervolgens op SET. ● Als u de selectie wilt annuleren, selecteert u “ANNULEREN”. U kunt geheugenkaarten op elk gewenst moment initialiseren. Wanneer u een geheugenkaart initialiseert, worden alle daarop opgeslagen bestanden en gegevens gewist, ook als ze beveiligd zijn. 1 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “MEMORY”. 2 Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “PLAY”. 3 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. FORMATTEREN 4 Druk op , , of om “FORMATTEREN” te selecteren. Druk op SET. Het scherm FORMATTEREN verschijnt. ALLE BEST GEGEVENS WISSEN? UITVOEREN TERUG 5 Druk op of om “UITVOEREN” te selecteren. Druk op SET. De geheugenkaart wordt geïnitialiseerd. ● Wanneer de initialisatie klaar is, verschijnt “GEEN BEELDEN OPGESLAGEN”. ● Als u de initialisatie wilt annuleren, selecteert u “TERUG”. LET OP: Voer tijdens de initialisatie geen andere handelingen uit (zet de camcorder bijvoorbeeld niet uit). Zorg ook dat u de meegeleverde netadapter gebruikt, aangezien de geheugenkaart beschadigd kan raken als de accu tijdens de initialisatie leegraakt. Als de gegevens op de geheugenkaart beschadigd raken, initialiseert u de kaart. MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN De menu-instellingen wijzigen Deze camcorder is voorzien van een gebruiksvriendelijk menusysteem dat op het scherm wordt weergegeven. Via dit menusysteem kunt u een groot aantal gedetailleerde camcorderinstellingen eenvoudiger opgeven. (墌 blz. 31 – 35) Blokkeerknop MENU NE 31 OPMERKINGEN: ● U kunt tijdens het opnemen het menuscherm niet openen. ● Bepaalde functies kunnen niet worden ingesteld in de menu's voor video- en D.S.C.-opnames. Deze pictogrammen worden grijs/wit weergegeven. Menu’s voor video- en D.S.C.-opnames FUNCTIE (墌 blz. 32) Geselecteerde instelling INSTELLING (墌 blz. 32) SYSTEEM (墌 blz. 33) WIPE/FADE CAMERAWEEGAVE (墌 blz. 34) EF DSC-STILBEELDEN (墌 blz. 34) WB 1) Druk op , , of de gewenste optie te selecteren en druk op SET. VIDEO/ MEMORY 1 Menu’s voor video- en D.S.C.-opnames: ● Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO” of “MEMORY”. ● Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “REC”. ● Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) Menu’s voor videoweergave: ● Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. ● Houd de blokkeerknop op de aan/uit-knop ingedrukt en zet de aan/uit-knop op “PLAY”. ● Meer informatie over D.S.C.-weergavemenu’s vindt u bij “D.S.C.-WEERGAVE” (墌 blz. 26). 2 Open het LCD-scherm volledig. (墌 blz. 19) 3 Druk op MENU. Het menuscherm verschijnt. 4 Druk op , , of om de gewenste ● Voorbeeld: WIPE/FADE Menu ● Druk op “ ” om terug te keren naar het hoofdmenu 2) Druk op of . Selecteer de gewenste parameter en druk op SET of . De selectie is voltooid. ● Met de “4” aanduiding wordt de instelling die is opgeslagen in het geheugen van de camcorder, weergegeven. ● Druk op als u wilt annuleren of wilt terugkeren naar het vorige menuscherm. 3) Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten. OPMERKING: Herhaal de procedure voor eventuele andere functiemenu’s die u wilt instellen. functie te selecteren en druk op SET. Het geselecteerde functiemenu verschijnt. Menuscherm voor video-opname en D.S.C.-opname Menuscherm voor videoweergave OPNAME FUNCTIE SP LP TV 5 De hieronder beschreven instellingsprocedure hangt af van de geselecteerde functie. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE GEAVANCEERDE FUNCTIES SET 32 NE MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN Menu’s voor videoweergave OPNAME (墌 blz. 35) Geselecteerde instelling GELUIDTYPE (墌 blz. 35) INGESPR OPNAME (墌 blz. 35) HELDERHEID (墌 blz. 35) DATUM/TIJD TV (墌 blz. 35) OP SCHERM (墌 blz. 35) TIJDCODE “4” Aanduiding (墌 blz. 35) TV 16:9 (墌 blz. 35) OPNAME Voorbeeld: OPNAME Menu 1) Druk op of om de gewenste functie te selecteren en druk op SET of . Het submenu verschijnt. SP LP BELICHTING (墌 blz. 39), “Belichtingsinstelling” WITBALANS (墌 blz. 40), “Witbalans aanpassen” MACRO SP LP [UIT]: Hiermee schakelt u de functie uit. AAN: Wanneer de afstand tot het onderwerp kleiner is dan 1 m (3.3ft), stelt u “MACRO” in op “AAN”. U kunt een onderwerp zo groot mogelijk opnemen op een afstand van ongeveer 40 cm. Afhankelijk van de zoompositie kan het beeld onscherp worden. SP INSTELLING LP ● Herhaal de procedure voor eventuele andere functiemenu’s die u wilt instellen. ● Met de “4” aanduiding wordt de instelling die is opgeslagen in het geheugen van de camcorder, weergegeven. ● Druk op als u wilt annuleren of wilt terugkeren naar het vorige menuscherm. 2) Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten. Opnamemenu’s FUNCTIE De menu-instellingen kunnen alleen worden gewijzigd als de aan/uit-knop op “REC” staat. [ ] = fabrieksinstelling WIPE/FADE (墌 blz. 41), “Wipe- of fade-effecten” EF EFFECT (墌 blz. 42), “Programma AE, effecten en sluitereffecten” PROGRAM AE (墌 blz. 42), “Programma AE, effecten en sluitereffecten” SLUITER (墌 blz. 42), “Programma AE, effecten en sluitereffecten” De menu-instellingen kunnen alleen worden gewijzigd als de aan/uit-knop op “REC” staat. [ ] = fabrieksinstelling SP LP OPNAME [SP*]: Om op te nemen met de SP-functie (standaard speelduur) LP: Long Play (lange weergave) is economischer, omdat u beschikt over 1,5 keer de normale opnametijd van een band. * SP-aanduiding wordt niet op het scherm weergegeven OPMERKINGEN: ● Als de opnamefunctie wordt veranderd, zal het weergavebeeld bij het omschakelpunt onscherp zijn. ● Speel bij voorkeur cassettes die met de LP snelheid zijn opgenomen met deze camcorder af. ● Tijdens de weergave van een band die met een andere camcorder is opgenomen, verschijnen er mogelijk ruisblokken in beeld of valt het geluid soms weg. GELUID [12-BITS]: In deze stand is video-opname van stereogeluid mogelijk op vier aparte kanalen. (gelijkwaardig aan de 32 kHz stand van vorige modellen) 16-BITS: In deze stand is video-opname van stereogeluid op twee aparte kanalen mogelijk. (gelijkwaardig aan de 48 kHz stand van vorige modellen.) STABIEL* OFF: Hiermee schakelt u de functie uit. [ON ]: Deze functie kunt u gebruiken om onstabiele beelden te compenseren die het gevolg zijn van bewegingen van de camera, met name bij sterk inzoomen. MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN NE 33 OPMERKINGEN: Terwijl de sluitertijd automatisch wordt aangepast, wordt “ ” weergegeven. ● Het lampje “ ” knippert of dooft als de stabilisatiefunctie niet kan worden gebruikt. ● Schakel deze stand uit als u opneemt terwijl de camcorder op een statief staat.modellen) [UIT]: Hiermee schakelt u de functie uit. AAN : Helpt om de ruis te verminderen die door wind wordt veroorzaakt. De aanduiding “ ” verschijnt. Bij gebruik van deze functie verandert de geluidskwaliteit. Dit is normaal. * Alleen beschikbaar als de schakelaar VIDEO/MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. STIL/LANGZ [STIL]: Snapshot-stand LANGZAAM: Live Slow-stand Zie “Live Slow” en “Snapshot (Stilbeeld vastleggen op band)” (墌 blz. 36, 38) voor meer informatie. * Alleen beschikbaar als de schakelaar VIDEO/MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. ZOOMEN* [32X]: Wanneer u “32X” instelt terwijl u gebruik maakt van de digitale zoomfunctie, wordt de zoomvergroting teruggebracht naar 32X, aangezien het digitale inzoomen in dat geval wordt uitgeschakeld. 64X*: Hierbij kunt u wel gebruik maken van de digitale zoomfunctie. Doordat beelden digitaal worden verwerkt en uitvergroot, zijn zoomwaarden mogelijk van 32X (de limiet voor optisch zoomen) tot een maximum van 64X digitale uitvergroting. 800X: Hierbij kunt u wel gebruik maken van de digitale zoomfunctie. Doordat beelden digitaal worden verwerkt en uitvergroot, zijn zoomwaarden mogelijk van 32X (de limiet voor optisch zoomen) tot een maximum van 800X digitale uitvergroting. * Alleen beschikbaar als de schakelaar VIDEO/ MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. AGC OPHELDEREN UIT: Met deze functie kunt u in het donker opnamen maken zonder dat de helderheid van het beeld achteruit gaat. [KORR HELD]: Het beeld is mogelijk korrelig, maar het beeld is wel helder. AUTOM : De sluitertijd wordt automatisch aangepast. Het met een lange sluitertijd filmen van een voorwerp in een donkere omgeving zorgt voor een helderder beeld dan in de stand KORR HELD, maar de bewegingen van het gefilmde voorwerp zijn niet vloeiend en natuurlijk. Het beeld kan nogal korrelig zijn. WINDFILTER TV 16:9 Als u beelden in de 16:9-stand wilt weergeven op de tv, moet u het juiste formaat op de tv instellen [4:3TV]: voor een tv met een breedte/hoogteverhouding van 4:3 16:9TV: voor een tv met een breedte/hoogteverhouding van 16:9 SYSTEEM De “SYSTEEM”-functies die u instelt wanneer de aan/uit-knop op “REC” staat, worden ook doorgevoerd als u de aan/uit-knop op “PLAY” zet. [ ] = fabrieksinstelling MELODIE UIT:zelfs als u het niet hoort tijdens het opnemen, wordt het sluitergeluid opgenomen op de band. [AAN]: er wordt een geluid weergegeven als een bewerking wordt uitgevoerd. Dit activeert ook het sluitergeluidseffect. (墌 blz. 38) CAM RESET [TERUG]: Alle instellingen worden niet teruggezet naar de in de fabriek opgegeven waarde. UITVOEREN: Alle instellingen worden teruggezet naar de in de fabriek opgegeven waarde. VOORRANG [LCD]: Het beeld wordt op het LCD-scherm weergegeven wanneer de zoeker wordt uitgetrokken terwijl het LCD-scherm is geopend. ZOEKER: Het beeld wordt in de zoeker weergegeven wanneer de zoeker wordt uitgetrokken terwijl het LCD-scherm is geopend. AFSTANDSBD UIT: Hiermee schakelt u de werking van de afstandsbediening uit. [AAN]: Hiermee schakelt u de werking van de afstandsbediening in. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE GEAVANCEERDE FUNCTIES ● Nauwkeurige stabilisatie is niet mogelijk als uw handen te veel trillen, of bij sommige opnameomstandigheden. 34 NE MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN CAMERAWEEGAVE ● De menu-instellingen kunnen alleen worden gewijzigd als de aan/uit-knop op “REC” staat. ● De CAMERAWEEGAVE instellingen zijn alleen van toepassing op opnemen. Dit geldt niet voor “HELDERHEID” en “LANGUAGE”. [ ] = fabrieksinstelling. HELDERHEID 墌 blz. 17, “De helderheid van het LCD-scherm aanpassen” . KLOK INST 墌 blz. 16, “Datum/tijd instellen” . LANGUAGE [ENGLISH] / FRANÇAIS / DEUTSCH / ESPAÑOL / ITALIANO / NEDERLANDS / PORTUGUÊS / РУССКИЙ / POLSKI / ČEŠTINA U kunt de taalinstelling wijzigen. (墌 blz. 15) DATUM/TIJD [UIT]: De datum/tijd wordt niet weergegeven. AAN: De datum/tijd wordt altijd weergegeven. OP SCHERM LCD: Hiermee voorkomt u dat de aanduidingen van de camcorder (met uitzondering van datum, tijd en tijdcode) op het eventueel aangesloten tvscherm worden weergegeven. [LCD/TV]: Hiermee zorgt u dat de aanduidingen van de camcorder op het tv-scherm worden gegeven wanneer de camcorder op een tv is aangesloten. TIJDCODE [UIT]: De tijdcode wordt niet weergegeven. AAN: De tijdcode wordt weergegeven op de camcorder en de aangesloten tv. Beeldnummers worden tijdens het opnemen niet weergegeven. (墌 blz. 21) DEMO DEMO UIT: Er vindt geen automatische demonstratie plaats. [AAN]: Hiermee worden bepaalde functies zoals overloop/fader en effecten, enzovoort aangegeven en hiermee kunt u bevestigen hoe bepaalde functies werken. In de volgende gevallen wordt de demonstratie gestart: ● Wanneer het menuscherm is gesloten nadat u “DEMO” hebt ingesteld op “AAN”. ● Als “DEMO” is ingesteld op “AAN” en de camcorder ongeveer 3 minuten lang niet bediend wordt nadat de aan/uit-knop is ingesteld op “REC”. ● De demonstratie wordt onderbroken als u tijdens de demonstratie een handeling met het toestel uitvoert. Als u vervolgens tenminste 3 minuten geen handelingen meer uitvoert, wordt de demonstratie hervat. OPMERKINGEN: ● Als zich een cassette in de camcorder bevindt, kan de demonstratie niet worden ingeschakeld. ● De “DEMO” blijft ook op “AAN” staan wanneer u de stroomtoevoer naar de camcorder onderbreekt. DSC-STILBEELDEN [ ] = fabrieksinstelling KWALITEIT [FIJN] / STANDAARD U kunt de beeldkwaliteit naar uw eigen voorkeuren instellen. Dit toestel beschikt over twee instellingen voor de beeldkwaliteit: FIJN ( ) en STANDAARD ( ) (in volgorde van kwaliteit). OPMERKING: Het aantal beelden dat kan worden opgeslagen, hangt af van de gekozen beeldkwaliteit, maar ook van de beeldcompositie en het soort geheugenkaart dat u gebruikt. (墌 blz. 26) OPNEMEN OP [ (BAND)]: Als u momentopnames maakt terwijl de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO” staat, worden de stilbeelden alleen op band opgenomen. / (BAND/KRT): Als u momentopnames maakt terwijl de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO” staat, worden de stilbeelden niet alleen op band opgenomen maar ook op de geheugenkaart (640 x 480 pixels). MENU’S VOOR GEDETAILLEERDE AANPASSINGEN [ ] = fabrieksinstelling GELUIDTYPE en INGESPR Terwijl de videoband wordt afgespeeld, wordt automatisch nagegaan in welke geluidsstand de opname is gemaakt en wordt het geluid weergegeven. Selecteer het type geluid dat u bij de beeldweergave wilt gebruiken. 35 INGESPR [UIT]: Het oorspronkelijke geluid wordt via beide “L”- en “R”-kanalen in stereo weergegeven. AAN: Het gedubde geluid wordt via beide “L”- en “R”-kanalen in stereo weergegeven. GEMENGD: De oorspronkelijke en gedubde geluiden worden gecombineerd en in stereo via zowel het “L”- als het “R”-kanaal weergegeven. HELDERHEID Volg de menutoegangsprocedure op bladzijde 32, selecteer “GELUID” of “INGESPR” in het menuscherm en selecteer de gewenste instelling. 墌 blz. 17, “De helderheid van het LCD-scherm aanpassen” . De volgende instellingen zijn alleen van toepassing voor videoweergave, met uitzondering van “HELDERHEID”, “16:9”- en “OPNAME”. De parameters (behalve “UIT” bij de OP SCHERM, GELUIDTYPE en GELUIDTYPEinstellingen) komen overeen met de beschrijving op: (墌 blz. 32, 34) [UIT]: de datum en tijd worden niet weergegeven. AAN: de datum en tijd worden altijd weergegeven. SP LP OPNAME [SP*] / LP Hiermee kunt u de gewenste opnamesnelheid (SP of LP) instellen. * SP-aanduiding wordt niet op het scherm weergegeven. GELUIDTYPE [STEREO ]: Het geluid wordt via beide “L”- en “R”-kanalen in stereo weergegeven. MONO LI : Het geluid wordt via het “L”-kanaal weergegeven. MONO RE : Het geluid wordt via het “R”kanaal weergegeven. DATUM/TIJD OP SCHERM UIT / [LCD] / LCD/TV Als deze optie is ingesteld op “UIT”, verdwijnt de beeldweergave van de camcorder. TIJDCODE [UIT] / AAN 墌 blz. 21, “Tijdcode” TV 16:9 Als u beelden in de 16:9-stand wilt weergeven op de tv, moet u het juiste formaat op de tv instellen [4:3TV]: voor een tv met een breedte/hoogteverhouding van 4:3 16:9TV: voor een tv met een breedte/hoogteverhouding van 16:9 GEAVANCEERDE FUNCTIES Weergavemenu’s NE 36 NE OPNAMEFUNCTIES LED lamp Vertraagde opnamen De LED lamp kan worden gebruikt om een onderwerp in een donkere plaats te verlichten tijdens video-opname of D.S.C.opname. Deze functie is nuttig voor het opnemen of afspelen van kostbare of moeilijk zichtbare momenten op een vertraagde snelheid. Het geluid wordt op de normale snelheid opgenomen en afgespeeld. 1 Druk herhaalde malen op LED Lamp LIGHT om de instelling te wijzigen. UIT: De lamp is uitgezet. AAN: De lamp brandt altijd. ( verschijnt.) AUTOM: De lamp gaat automatisch aan wanneer het donker is. ( verschijnt.) 1 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op 2 Druk op de start-/stopknop voor het starten van een video-opname, of druk op SNAPSHOT om een stilbeeld op te nemen. OPMERKINGEN: ● Pas op dat u de LED lamp niet direct op de ogen richt. ● Als het licht van de lamp het onderwerp niet bereikt wanneer de LED lamp is ingesteld op “AAN”, zal de nachtfunctie worden geactiveerd zodat het onderwerp helderder kan worden opgenomen. ● Het door de LED lamp verlichte middengedeelte van de opgenomen beelden zal helderder zijn dan de omgevende gedeelten (die donkerder zullen zijn). ● Wanneer de LED lamp ingesteld is op “AAN”, worden de onderwerpen opgenomen met een kleinere sluitersnelheid zodat de beelden ietwat onscherp zullen zijn. “VIDEO”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Selecteer “ ” en stel “STIL/LANGZ” in op “LANGZAAM”. (墌 blz. 31, 33) De Live Slowaanduiding “ ” wordt weergegeven. 4 Druk tijdens de opname of weergave op SNAPSHOT (LANGZAAM). ● De bewegende beelden worden over vier frames verdeeld. Ze worden 1,5 seconde opgenomen en afgespeeld, en vervolgens wordt verder gegaan met normaal opnemen of afspelen. ● Deze functie is van kracht wanneer de opnamestand is ingesteld op “A” of “M”. OPMERKING: Alleen beschikbaar als de schakelaar VIDEO/ MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. OPNAMEFUNCTIES Met deze camcorder kunt u kiezen welk type indeling u wilt gebruiken voor de beelduitvoer van opnamen. [ ] = fabrieksinstelling 1 Zet de aan/uit-knop in de stand “REC”. 2 Druk herhaaldelijk op 16:9 om een keuze te maken. Night-Scope In deze stand worden donkere voorwerpen of gebieden nog lichter gemaakt dan ze al bij goede, natuurlijk belichting zouden zijn. Het beeld krijgt mogelijk een stroboscoopeffect vanwege de lange sluitertijd. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Druk op NIGHT. Hierdoor verschijnt de NightScope-aanduiding “ 4:3 16 : 9 [4:3]: Er wordt opgenomen zonder een wijziging in de schermverhouding. Voor weergave op een tv met een normale schermverhouding. Raadpleeg de gebruiksaanwijzing van de tv als u deze functie op een tv met een normale schermverhouding gebruikt. 16:9: Voor weergave op tv’s met een schermverhouding van 16:9. Het beeld wordt natuurlijk opgerekt om te zorgen dat het zonder vervorming precies binnen het scherm past. De aanduiding 16:9 verschijnt. Raadpleeg de handleiding van uw breedbeeld-tv als u deze stand gebruikt. Tijdens het weergeven/opnemen op 4:3 tv's/LCD-scherm/zoeker selecteert u “4:3TV” bij “16:9” (墌 blz. 33, 35) om verticaal uitgerekte beelden te voorkomen. OPMERKINGEN: ● Alleen beschikbaar als de schakelaar VIDEO/ MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. ● Stilbeelden worden opgenomen in de 4:3-stand. Ze kunnen niet worden opgenomen in de 16:9stand. 37 ”. ● De sluitertijd wordt automatisch aangepast, waardoor een 25 maal hogere gevoeligheid wordt bereikt. ● “ ” verschijnt naast “ ” terwijl de sluitertijd automatisch wordt aangepast. Night-Scope uitschakelen Druk nogmaals op NIGHT. Hierdoor verdwijnt de Night-Scope-aanduiding. OPMERKINGEN: ● Tijdens Night-Scope kunt u “OPHELDEREN” of “STABIEL” in het menu INSTELLING (墌 blz. 32, 33) niet inschakelen. ● U kunt Night-Scope niet tegelijkertijd met “SNEEUW” of “SPORT” of “PROGRAM AE” of alle functies van “SLUITER” inschakelen. (墌 blz. 42) ● In de stand Night-Scope kan het lastig zijn om de camcorder scherp te stellen. U kunt dit vermijden door een statief te gebruiken. GEAVANCEERDE FUNCTIES Wide Mode (Breedbeeldstand) NE 38 NE OPNAMEFUNCTIES Momentopnames (Stilstaand beeld opnemen op band) Deze functie biedt u de mogelijkheid op band stilbeelden vast te leggen die lijken op foto’s. Handmatig scherpstellen Dankzij het Full Range AF-systeem kunt u continu opnames maken gaande van close-up (minimale afstand slechts 5 cm tot het onderwerp) tot oneindig. Of de camera echter ook goed scherpstelt, is afhankelijk van de opnamesituatie. Gebruik in dit geval de handmatige scherpstelling. 1 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. 2 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 3 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 1 Zet de aan/uit-knop op 4 Selecteer “ ” en stel “STIL/LANGZ” in op “STIL”. “REC”. (墌 blz. 31, 33) De Live Slow-aanduiding “ ” wordt 2 Zet de opnamestand weergegeven. op “M”. (墌 blz. 15) 5 Druk op SNAPSHOT. 3 Druk op FOCUS. De ● U hoort het geluid van een sluiter. ● De aanduiding “PHOTO” verschijnt en er wordt gedurende zes seconden een stilbeeld opgenomen. Vervolgens wordt de camera weer in de stand Opnamestand-by geplaatst. ● Het is ook mogelijk om tijdens het opnemen momentopnames te maken. Gedurende ongeveer 5 seconden wordt de momentopname gemaakt, waarna de normale opname wordt hervat. ● Snapshot is van kracht wanneer de opnamestand is ingesteld op “A” of “M”. ● Momentopnames kunnen niet worden gebruikt wanneer de 16:9-breedbeeldstand (16:9-aanduiding) is geselecteerd. aanduiding voor handmatig scherpstellen verschijnt. Motordrivestand ● Als twee onderwerpen elkaar binnen hetzelfde beeld overlappen. ● Als er te weinig licht is.* ● Als het onderwerp te weinig contrast heeft (verschil tussen licht en donker), bijvoorbeeld een vlakke, effen muur of een helderblauwe lucht.* ● Als een donker voorwerp nauwelijks zichtbaar is op het LCD-scherm of in de zoeker.* ● Als een beeld hele kleine patronen of identieke, zich herhalende patronen bevat. ● Als het beeld blootstaat aan zonnestralen of licht dat weerkaatst via een grote hoeveelheid water. ● Als u een beeld met een contrastrijke achtergrond filmt. * De volgende waarschuwingen voor te laag contrast knipperen: , , en . Als u in stap 5 SNAPSHOT ingedrukt houdt, krijgt u hetzelfde effect als wanneer u foto’s zou nemen met een motordrive. (Interval tussen stilbeelden: ongeveer 1 seconde) ● De motordrivestand wordt uitgeschakeld wanneer u “OPNEMEN OP” instelt op “ / ”. (墌 blz. 34) 4 Druk op Aanduiding handmatig scherpstellen of om op een onderwerp scherp te stellen. ● Als u niet verder of dichterbij kunt scherpstellen, gaat “ ” of “ ” knipperen. 5 Druk op SET. Het scherpstellen is voltooid. Teruggaan naar automatisch scherpstellen Druk tweemaal op FOCUS. In de hieronder beschreven situaties wordt aanbevolen handmatig scherp te stellen. OPNAMEFUNCTIES Diafragmablokkering In de volgende situaties is het raadzaam handmatig de belichting in te stellen: ● Als u filmt met omgekeerde belichting of als de achtergrond te licht is. ● Als u filmt met een reflecterende natuurlijke achtergrond, bijvoorbeeld het strand of een besneeuwde berg. ● Als de achtergrond erg donker is of als het onderwerp licht is. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Stel “BELICHTING” in op “HANDMATIG” in het menu FUNCTIE (墌 blz. 32). ● Het menu voor de belichtingsinstelling wordt weergegeven. 4 Als u het beeld lichter wilt maken, drukt u op . Als u het beeld donkerder wilt maken, drukt u op . (maximaal ±6) ● De instelling +3 heeft hetzelfde effect als achtergrondlichtcompensatie. (墌 blz. 40) ● De instelling –3 heeft hetzelfde effect als het instellen van “PROGRAM AE” op “SPOTLICHT”. (墌 blz. 42) Gebruiksstand Belichtingsniveau VIDEO ±0 ±1 ±2 ±3 ±4 ±5 ±6 MEMORY ±0EV ±0.3EV ±0.7EV ±1.0EV ±1.3EV ±1.7EV ±2.0EV 5 Druk op SET op . Het instellen van de belichting is voltooid. De automatische belichting herstellen Selecteer “AUTOM” in stap 3. OPMERKINGEN: 39 ● Het is niet mogelijk om handmatig de belichting in te stellen als tegelijk ook “PROGRAM AE” is ingesteld op “SPOTLICHT” of “SNEEUW” (墌 blz. 42), of als de achtergrondlichtcompensatie is ingeschakeld. ● Als de aanpassing geen zichtbare helderheidswijzigingen teweeg brengt, stelt u “OPHELDEREN” in op “AUTOM”. (墌 blz. 31, 33) Net als de pupil van het menselijk oog, trekt het diafragma in een goedverlichte omgeving samen om te voorkomen dat er te veel licht binnenvalt. In een donkere omgeving verwijdt het diafragma zich om meer licht binnen te laten. Gebruik deze functie in de volgende situaties: ● Als u een bewegend onderwerp filmt. ● Als de afstand tot het onderwerp verandert (waardoor de grootte ervan op het LCD-scherm of in de zoeker verandert), bijvoorbeeld als het onderwerp zich van u verwijdert. ● Als u filmt met een reflecterende natuurlijke achtergrond, bijvoorbeeld het strand of een besneeuwde berg. ● Als u onderwerpen onder een spot filmt. ● Bij het inzoomen. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Stel “BELICHTING” in op “HANDMATIG” in het menu FUNCTIE. (墌 blz. 32) ● De aanduiding voor de belichtingsinstelling verschijnt. 4 Zoom in of uit totdat het onderwerp het LCDscherm of de zoeker vult. Druk vervolgens SET of meer dan twee seconden in. De belichtingsinstellingsaanduiding en de aanduiding “ ” verschijnen. 5 Druk op SET of . De iris wordt vergrendeld. 6 Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten. De “ weergegeven. ” aanduiding wordt De automatische diafragmaregeling herstellen Selecteer “AUTOM” in stap 3. ● De belichtingsinstellingsaanduiding en “ verdwijnen. ” De belichtingsinstelling en het diafragma blokkeren Na stap 3, past u de belichting aan door op of te drukken. Vervolgens blokkeert u het diafragma in stap 4 en 6. Selecteer “AUTOM” in stap 3 voor automatisch vergrendelen. De belichting en het diafragma worden automatisch geregeld. GEAVANCEERDE FUNCTIES De belichting instellen NE 40 NE OPNAMEFUNCTIES Achtergrondlicht compenseren Bij achtergrondlichtcompensatie wordt het onderwerp snel lichter gemaakt. Via een eenvoudige bediening kunt u de achtergrondlichtcompensatiefunctie inschakelen. Hiermee wordt het donkere gedeelte van het onderwerp helderder gemaakt door dit langer te belichten. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Druk op BACKLIGHT zodat de indicator voor achtergrondlichtcompensatie “ ” verschijnt. Achtergrondlichtcompensatie opheffen Druk tweemaal op BACKLIGHT, zodat de indicator “ ” verdwijnt. OPMERKING: Als u de achtergrondlicht compenseren gebruikt, is het mogelijk dat het licht rondom het onderwerp te fel wordt en het onderwerp zelf te wit. Spotbelichtingsregeling Door een spotmeetgebied te selecteren is een nauwkeurige belichtingscompensatie mogelijk. U kunt op de LCD-scherm/in de zoeker drie meetgebieden selecteren. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Druk tweemaal op BACKLIGHT zodat de aanduiding voor spotbelichtingsregeling “ ” verschijnt. ● Er verschijnt een frame voor het spotmeetgebied in het midden van de LCDmonitor/de zoeker. 4 Druk op of om het gewenste frame voor het spotmeetgebied te selecteren. 5 Druk op SET. ● De spotbelichtingsregeling is ingeschakeld. ● De belichting wordt aangepast om het geselecteerde gebied zo helder mogelijk te maken. Het diafragma blokkeren Druk na stap 4 op SET en houd deze knop langer dan 2 seconden ingedrukt. De indicator “ ” verschijnt en het diafragma wordt geblokkeerd. Spotbelichtingsregeling opheffen Druk eenmaal op BACKLIGHT, zodat de indicator “ ” verdwijnt. OPMERKINGEN: ● U kunt de spotbelichtingsregeling niet tegelijkertijd met de volgende functies gebruiken: • “16:9” in “BREEDBEELD” (墌 blz. 37) • “BLDEN LOS” in “EFFECT” (墌 blz. 42) • Digitale zoomfunctie (墌 blz. 20) • Handmatige belichtingsregeling ● Het resultaat is niet altijd optimaal, afhankelijk van de opnamelocatie en -omstandigheden. De witbalans aanpassen De witbalans die betrekking heeft op de juistheid van kleurreproductie bij verschillende belichtingsomstandigheden. Als de witbalans correct is, worden alle overige kleuren nauwkeurig gereproduceerd. De witbalans wordt doorgaans automatisch aangepast. Als u echter een ervaren camcordergebruiker bent, kunt u deze functie handmatig bedienen om een meer professionele kleur-/tintreproductie te bewerkstelligen. Om de instelling te veranderen Stel “WITBALANS” in op de gewenste stand. ● De aanduiding van de geselecteerde stand verschijnt, behalve van de stand “AUTOM”. [AUTOM]: De witbalans wordt automatisch aangepast. HANDM WB: U kunt de witbalans handmatig aanpassen wanneer u bij verschillende soorten belichting filmt. (墌 “De witbalans handmatig aanpassen” blz. 41) ZONNIG: Buiten op een zonnige dag. BEWOLKT: Buiten op een bewolkte dag. [ ] = fabrieksinstelling Teruggaan naar automatische witbalansregeling Stel “WITBALANS” in op “AUTOM”. (墌 blz. 31, 32). OPNAMEFUNCTIES De witbalans handmatig aanpassen Wit papier 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Houd een vel wit papier voor het onderwerp. Pas de zoominstelling aan of stel u zo op dat het witte papier het hele scherm vult. 4 Selecteer het menu FUNCTIE. (墌 blz. 32) 5 Selecteer “HANDM WB” in het menu “WITBALANS”. (墌 blz. 32). Houd vervolgens ingedrukt tot gaat knipperen. ● Als de instelling is voltooid, houdt knipperen. 6 Druk op SET of op met om de instelling vast te leggen. 7 Druk op MENU. Het menuscherm wordt gesloten en de aanduiding voor de handmatige witbalansinstelling wordt weergegeven. OPMERKINGEN: Wipe- of fade-effecten Met behulp van deze effecten kunt u professioneel ogende beeldovergangen maken. Gebruik deze effecten om de overgang van scène naar scène wat meer pit te geven. U kunt een wipe- of fade-effect toepassen wanneer u een video-opname start of beëindigt. 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. SET of 41 ● In stap 3 is het mogelijk moeilijk om scherp te stellen op wit papier. Stel in dat geval handmatig scherp. (墌 blz. 38) ● U kunt een onderwerp binnen onder allerlei belichtingsomstandigheden filmen (natuurlijk licht, tl-lamp, kaarslicht, enzovoort). Aangezien de kleurtemperatuur verschilt naar gelang de lichtbron, verschilt ook de tint van het onderwerp naar gelang de witbalansinstelling. Gebruik de functie om een meer natuurlijk resultaat te bewerkstelligen. ● Wanneer u de witbalans handmatig hebt aangepast, blijft de instelling behouden, ook als de stroomtoevoer onderbroken of de accu verwijderd wordt. 1 Zet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. 2 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 3 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 4 Stel “WIPE/FADE” in op de gewenste stand. (墌 blz. 32) ● Het menu WIPE/FADE verdwijnt en het effect is opgeslagen. ● De aanduiding van het geselecteerde effect verschijnt. 5 Druk op de start-/stopknop voor opnemen om Fade-in/out of Wipe-in/out te activeren. Het geselecteerde effect uitschakelen Selecteer “UIT” in stap 4. De effectaanduiding verdwijnt. OPMERKING: U kunt de lengte van een wipe of fade vergroten door de start/stop-knop voor opnemen in te drukken en ingedrukt te houden. WIPE/FADE UIT: Hiermee schakelt u de functie uit. (fabrieksinstelling) FADE WIT scherm. FADE ZWART zwart scherm. : Fade-in of fade-out met een wit : Fade-in of fade-out met een WIPE SLIDE : Wipe-in van rechts naar links of wipe-out van links naar rechts. WIPE SCRL : Wipe-in van de scène vanaf de onderkant naar de bovenkant van een zwart scherm of een wipe-out van boven naar onder, waardoor een zwart scherm ontstaat. GEAVANCEERDE FUNCTIES U kunt de witbalans handmatig aanpassen wanneer u bij verschillende soorten belichting filmt. NE 42 NE OPNAMEFUNCTIES Program AE, effecten en sluitereffecten 1 Zet de aan/uit-knop op “REC”. 2 Zet de opnamestand op “M”. (墌 blz. 15) 3 Stel “EFFECT”, “PROGRAM AE” of “SLUITER” in het menu FUNCTIE in (墌 blz. 32) ● Het menu EFFECT, PROGRAM AE of SLUITER verdwijnt en het geselecteerde effect wordt toegepast. ● De aanduiding van het geselecteerde effect verschijnt. Het geselecteerde effect uitschakelen Selecteer “UIT” in stap 3. De effectaanduiding verdwijnt. OPMERKINGEN: ● Program AE, effecten en speciale effecten kunnen worden gewijzigd in de stand Opname-standby. ● Bepaalde functies van Programma AE en sluitereffecten kunnen niet worden gebruikt tijdens Night-Scope. ● Wanneer een onderwerp te helder of reflecterend is, kan een verticale streep verschijnen (vegen). Vegen verschijnen meestal wanneer u de modus “SPORT” of een andere modus met “SLUITER 1/500 – 1/4000” selecteert. EF EFFECT UIT: Hiermee schakelt u de functie uit. (fabrieksinstelling) SEPIA : Opgenomen beelden krijgen een bruine schijn, net als oude foto’s. ZWARTWIT : Net als bij de zwartwitfilms uit vroeger tijden worden uw beelden in zwartwit opgenomen. ANTKE FILM *: Hierdoor krijgen opgenomen beelden een stroboscoopeffect. BLDEN LOS *: De opname ziet er uit als een reeks opeenvolgende foto’s. * Niet beschikbaar voor het opnemen van stilbeelden. PROGRAM AE UIT: Hiermee schakelt u de functie uit. (fabrieksinstelling) SPORT (Variabele sluitertijd: 1/250 – 1/4000): Als u deze instelling selecteert, kunt u snel bewegende beelden beeld voor beeld vastleggen en zo een levendige, stabiele slowmotionweergave bewerkstelligen. Hoe korter de sluitertijd, hoe donkerder het beeld wordt. Gebruik de sluiterfunctie dus alleen als u voldoende licht hebt. SNEEUW : Deze instelling compenseert onderwerpen die anders mogelijk te donker worden als u opnames maakt in een zeer lichte omgeving, bijvoorbeeld een sneeuwlandschap. SPOTLICHT : Met deze instelling compenseert u onderwerpen die anders te licht zouden zijn als ze bij zeer sterke directe belichting worden opgenomen, bijvoorbeeld onder spots. SCHEMER: Hierdoor zien avondscènes er natuurlijker uit. De witbalans (墌 blz. 40) wordt automatisch ingesteld op “ ”, maar kan worden aangepast aan uw wensen. Als u schemerlicht selecteert, wordt de camcorder bij een afstand van 10 m tot oneindig automatisch scherpgesteld. Als de afstand minder dan 10 m bedraagt, dient u de scherpstelling handmatig uit te voeren. SLUITER UIT: Hiermee schakelt u de functie uit. (fabrieksinstelling) SLUITER 1/50: De sluitertijd is vastgesteld op 1/50 seconde. De zwarte stroken die meestal verschijnen wanneer u een foto maakt van een tv-scherm worden smaller. SLUITER 1/120: De sluitertijd is vastgesteld op 1/120 seconde. De flikkering die zich voordoet wanneer u opnames maakt onder een tl-buis of kwiklamp wordt verminderd. SLUITER 1/500 / SLUITER 1/4000: Met deze instellingen kunt u snel bewegende beelden beeld voor beeld opnemen, voor helder, stabiel afspelen in slowmotion, door de sluitertijdvariabelen vast te zetten. Gebruik deze instellingen wanneer een automatische afstelling niet goed werkt, in de stand SPORT. Hoe korter de sluitertijd, hoe donkerder het beeld wordt. Gebruik de sluiterfunctie dus alleen als u voldoende licht hebt. MONTEREN Naar een videorecorder dubben NE 43 1 Volg de illustraties bij het aansluiten van de camcorder en de ingangen van de videorecorder. 2 Begin met afspelen op de camcorder. (墌 blz. 21) 3 Op het punt waar u wilt beginnen met dubben, Naar S-aansluiting start u met opnemen op de videorecorder. (Raadpleeg de handleiding van de videorecorder.) 4 Wanneer u wilt stoppen met dubben, stopt u met opnemen op de videorecorder en vervolgens met afspelen op de camcorder. OPMERKINGEN: Naar AVaansluiting S-kabel (optioneel) Audio-/ videokabel (bijgeleverd) 1 2 3 4 ● Gebruik bij voorkeur de netadapter als spanningsbron in plaats van de accu. (墌 blz. 14) ● Instellen of de volgende aanduidingen al dan niet op de aangesloten tv moeten worden weergegeven • Datum/tijd Stel “DATUM/TIJD” in op “AAN” of op “UIT”. (墌 blz. 31, 35) Of druk op DISPLAY op de afstandsbediening om de datumaanduiding in of uit te schakelen. • Tijdcode Stel “TIJDCODE” in op “UIT” of “AAN”. (墌 blz. 31, 35) • Andere aanduidingen dan datum/tijd en tijdcode Stel “OP SCHERM” in op “UIT”, “LCD” of op “LCD/TV”. (墌 blz. 31, 35) TV A Geel naar VIDEO IN (aansluiten wanneer uw tv/videorecorder alleen A/Vingangsaansluitingen heeft.) B Rood naar AUDIO R IN* C Wit naar AUDIO L IN* D Zwart naar S-VIDEO IN (aansluiten wanneer uw tv/videorecorder een S-VIDEO IN- en een A/V-ingangsaansluiting heeft. In dit geval is het niet nodig om de gele videokabel aan te sluiten.) * Niet vereist als u alleen stilbeelden wilt weergeven. OPMERKING: De S-videokabel is optioneel. Gebruik de YTU94146A S-videokabel. Neem voor meer informatie over de beschikbaarheid van deze kabel contact op met het JVC Service Centre dat wordt beschreven op het vel dat in de verpakking is bijgeleverd. Sluit het uiteinde met het kernfilter aan op de camera. Het kernfilter vermindert storing GEAVANCEERDE FUNCTIES Videorecorder 44 NE MONTEREN Kopiëren naar een videoapparaat dat is voorzien van een DVaansluiting (digitaalkopiëren) Het is ook mogelijk om opgenomen beelden van de camcorder over te brengen naar een ander videoapparaat dat van een DV-aansluiting is voorzien. Aangezien hierbij een digitaal signaal wordt overgebracht, is er vrijwel, geen verlies, aan beeld-en geluidskwaliteit. Naar DV OUT Kernfilter DV-kabel (los verkrijgbaar) Naar DV OUT Videoapparaat dat is uitgerust met DV-aansluiting Deze camcorder als weergaveapparaat gebruiken 1 Zorg dat alle apparaten zijn uitgeschakeld. 2 Sluit deze camcorder op de in de illustratie getoonde wijze met een DV-kabel aan op een videoapparaat dat is voorzien van een DVingangsaansluiting. 3 Begin met afspelen op de camcorder. (墌 blz. 21) 4 Start op het punt waar u met dubben wilt beginnen, met opnemen op de videorecorder. (Raadpleeg de handleiding van de videorecorder.) 5 Stop als u wilt stoppen met dubben, met opnemen op de videorecorder en stop vervolgens met afspelen op deze camcorder. OPMERKINGEN: ● Gebruik bij voorkeur de netadapter als spanningsbron in plaats van de accu. (墌 blz. 14) ● Als tijdens het dubben op het afspelende apparaat een blanco gedeelte of een beeld met storing wordt weergegeven, is het mogelijk dat het dubben wordt stopgezet om te voorkomen dat ongewenste beelden worden gedubd. ● Hoewel de DV-kabel correct is aangesloten, is het mogelijk dat het beeld in stap 4 soms niet verschijnt. Als dit probleem zich voordoet, zet u het apparaat uit en brengt u de verbindingen opnieuw tot stand. ● Als u probeert “Inzoomen tijdens weergave” (墌 blz. 25) of “Speciale weergave-effecten” (墌 blz. 25) uit te voeren of als u tijdens de weergave op SNAPSHOT drukt, wordt alleen het oorspronkelijke weergegeven beeld dat op de band is opgenomen via de DV OUT-aansluiting verzonden. ● Als u een DV-kabel gebruikt, dient u de los verkrijgbare JVC VC-VDV204U of VC-VDV206U DV-kabel te nemen. MONTEREN [B] Met DV-kabel Kernfilter Kernfilter USB-kabel (meegeleverd) DV-kabel (los verkrijgbaar) Kernfilter Pc Naar DVaansluiting Pc met DV-aansluiting Wanneer u de camcorder met een DV-kabel aansluit op een pc, moet u de volgende procedure uitvoeren. Als u de kabel onjuist aansluit, kunnen hierdoor storingen aan de camcorder en/of de pc ontstaan. ● Sluit de DV-kabel eerst op de pc en vervolgens op de camcorder aan. ● Sluit de (stekkers van de) DV-kabel correct aan op basis van de vorm van de DV-aansluiting. Het is bovendien mogelijk om stilbeelden/ bewegende beelden via een DV-aansluiting naar een pc over te brengen met behulp van de meegeleverde de op de pc aanwezige of in de handel verkrijgbare software. Als u een Windows® XP gebruikt, kunt u Windows® Messenger gebruiken om internetvideoconferenties te houden met behulp van een camcorder. Meer informatie vindt u in de on line Help van Windows® Messenger. OPMERKINGEN: ● Zie “HANDLEIDING VOOR SOFTWARE INSTALLATIE EN USB-AANSLEITUNG” voor de bijgeleverde software en stuurprogramma’s. ● Gebruik bij voorkeur de netadapter als spanningsbron in plaats van de accu. (墌 blz. 14) ● Sluit nooit de USB- en de DV-kabel tegelijk op de camcorder aan. Sluit alleen de kabel die u wilt gebruiken op de camcorder aan. ● Zorg dat u de los verkrijgbare JVC VC-VDV206U of VC-VDV204U DV-kabel gebruikt wanneer u met een DV-kabel werkt. Welk type DV-kabel u moet gebruiken, hangt af van het type DVaansluiting (4- of 6-pins) op de pc. ● Als de pc die via de USB-kabel is aangesloten op de camcorder niet aan staat, wordt de camcorder niet in de USB-stand geplaatst. ● De datum-/tijdinformatie kan niet op de pc worden vastgelegd. ● Raadpleeg de gebruikshandleidingen van de pc en de software. ● De stilbeelden kunnen ook naar een pc worden overgebracht via een videocapturekaart die is voorzien van een DV-aansluiting. ● Het kan zijn dat het systeem niet goed werkt als u niet de juiste pc of videocapturekaart gebruikt. “USB” en/of “ ” verschijnt op het LCD-scherm terwijl de pc toegang zoekt tot gegevens op de camcorder of als de camcorder een bestand naar de pc overbrengt. Koppel de USB-kabel NOOIT los terwijl “ ” op het LCD-scherm wordt weergegeven, aangezien dit kan leiden tot schade aan het product. GEAVANCEERDE FUNCTIES Naar DV OUT Naar USBaansluiting U kunt de: Het is mogelijk stilbeelden op een geheugenkaart over te brengen naar een pc. [B] Met DV-kabel OF Naar USB 45 [A] Via de USB-kabel Aansluiting op een pc [A] Via de USB-kabel NE 46 NE MONTEREN Audiodubben Invoegmontage U kunt het geluidsspoor alleen in de stand 12-BITS en bij opnamesnelheid SP bewerken. (墌 blz. 32) ● Gebruik de meegeleverde afstandsbediening. Luidspreker Het is mogelijk om een nieuwe scène op een reeds opgenomen band op te nemen. U kunt een gedeelte van de oorspronkelijke opname met minimale beeldvervorming aan het begin- en eindpunt van de nieuwe scène vervangen. Het oorspronkelijke geluid blijft behouden. ● Gebruik de meegeleverde afstandsbediening. OPMERKINGEN: REW INSERT START/ STOP PAUSE PLAY STOP A.DUB Stereomicrofoon ● Voordat u de volgende procedure uitvoert, controleert u of “TIJDCODE” is ingesteld op “AAN” in de menu's voor opnemen en weergeven. (墌 blz. 31, 34, 35) ● Invoegmontage is niet mogelijk op een band die is opgenomen met de opnamesnelheid LP of op een blanco gedeelte van een band. Speel de band af, zoek het eindpunt voor de 1 Speel de band af om het punt te zoeken waarop 1 montage en druk op PAUSE (9). Ga na wat de u de montage wilt beginnen en druk op PAUSE (9). 2 Terwijl u A. DUB (D) op de afstandsbediening ingedrukt houdt, drukt u op PAUSE (9). De “9D” aanduiding verschijnt. 3 Druk op PLAY (U) en begin te praten. Spreek in de microfoon. ● Als u het kopiëren wilt onderbreken, drukt u op PAUSE (9). 4 Als u het audiodubben wilt beëindigen, drukt u op PAUSE (9) en vervolgens op STOP (8). Het gekopieerde geluid tijdens de videoweergave beluisteren Stel “INGESPR” in op “AAN” of op “GEMENGD”. (墌 blz. 31, 35) OPMERKINGEN: ● Tijdens het audiodubben kunt u het geluid niet via de luidspreker weergeven. ● Als u het audiodubben uitvoert op een band die als 12-BITS is opgenomen, worden het oude en het nieuwe geluidsspoor apart opgenomen. ● Als u opneemt op een blanco gedeelte op de band, is het mogelijk dat het geluid wordt verstoord. Zorg dat u alleen op gedeelten opneemt waarop al videobeelden zijn opgenomen. ● Als de microfoon tijdens de weergave op tv gaat rondzingen, haalt u de microfoon van de tv weg of zet u het geluid van de tv zachter. ● Als u tijdens de opname overschakelt van 12-BITS naar 16-BITS en vervolgens de band gebruikt voor audiodubben, is deze niet meer voor dat doeleinde te gebruiken vanaf het punt waarop de 16-BITS opname begint. ● Als de band tijdens het audiodubben terecht komt bij scènes die zijn opgenomen met de snelheid LP, scènes die zijn opgenomen met 16-BITS audio of bij een blanco gedeelte van de band, wordt het audiodubben beëindigd. tijdcode op dit punt is. (墌 blz. 21) 2 Druk op REW (3) tot het beginpunt voor de montage is bereikt en druk op PAUSE (9). 3 Houd INSERT (I) op de afstandsbediening ingedrukt en druk op PAUSE (9). De aanduiding “9I” en de tijdcode (min.:sec.) verschijnen en de camcorder wordt in de invoegpauzestand geplaatst. 4 Druk op START/STOP om met monteren te beginnen. ● Zorg dat het invoegen begint bij de tijdcode die u in stap 1 hebt gecontroleerd. ● Als u het monteren wilt onderbreken, drukt u op START/STOP. Druk nogmaals op deze knop als u het monteren wilt hervatten. 5 Als u het invoegmonteren wilt beëindigen, drukt u op START/STOP en vervolgens op STOP (8). OPMERKINGEN: ● Program AE, effecten en speciale effecten (墌 blz. 42) gebruiken om de scènes die bij de invoegmontage worden bewerkt wat meer pit te geven. ● Tijdens de invoegmontage verandert de datum- en tijdinformatie. ● Als u invoegmontage toepast op een blanco gedeelte van de band, is het mogelijk dat er storing van beeld en geluid optreedt. Zorg dat u alleen op gedeelten opneemt waarop al videobeelden zijn opgenomen. ● Tijdens de invoegmontage, wanneer de band terecht komt bij scènes die zijn opgenomen met de snelheid LP of bij een blanco gedeelte, wordt de invoegmontage beëindigd. (墌 blz. 50) PROBLEMEN OPLOSSEN Als het probleem zich blijft voordoen nadat u de stappen in de onderstaande tabel hebt uitgevoerd, dient u contact op te nemen met uw JVC-dealer. De camcorder is een apparaat dat wordt gestuurd door een microcomputer. Extern geluid en interferentie (van een tv, radio, enzovoort) kunnen de normale werking van deze camcorder verstoren. Als dat probleem zich voordoet, verbreekt u eerst de verbinding met de stroombron (accu, netadapter, enzovoort) en wacht u een paar minuten. Vervolgens sluit u de stroombron weer aan en begint u weer bij het begin. NE 47 De aanduidingen op het LCD-scherm of in de zoeker knipperen. ● De functies Effect en “STABIEL” die niet tegelijkertijd kunnen worden gebruikt, worden tegelijkertijd geselecteerd. HLees de gedeelten over effecten en “STABIEL” opnieuw door. (墌 blz. 31, 32, 42) De digitale zoomfunctie werkt niet. ● 32X optische zoom is geselecteerd. HStel “ZOOMEN” in op “64X” of op “800X”. (墌 blz. 33) ● De schakelaar VIDEO/MEMORY staat op “MEMORY”. HZet de schakelaar VIDEO/MEMORY op “VIDEO”. Video- en D.S.C.-weergave Stroomvoorziening De band draait maar er is geen beeld. ● De voeding is niet correct aangesloten. HSluit de netadapter goed aan. (墌 blz. 14) ● De accu is niet stevig bevestigd. HMaak de accu eenmaal los en bevestig hem vervolgens opnieuw stevig. (墌 blz. 13) ● De accu is leeg. HVervang de lege accu door een volle accu. (墌 blz. 13) Video- en D.S.C.-opname Het opnemen lukt niet. ● Het wisbeveiligingsknopje van de cassette staat op “SAVE”. HZet het wisbeveiligingsknopje van de cassette op “REC”. (墌 blz. 17) ● “EINDE BAND” verschijnt. HPlaats een nieuwe cassette. (墌 blz. 17) ● Het deksel van de cassettehouder is open. HSluit het deksel van de cassettehouder. Als u een onderwerp filmt dat door helder licht wordt belicht, verschijnen verticale lijnen. ● Dit is normaal en duidt niet op een defect. Als het scherm tijdens het filmen aan direct zonlicht wordt blootgesteld, kan het eventjes rood of zwart kleuren. ● Uw tv heeft wel AV-ingangsaansluitingen, maar de tv is niet ingesteld op de stand VIDEO. HStel de tv in op de stand die of het kanaal dat bedoeld is voor de weergave van videobeelden. (墌 blz. 23) ● Het deksel van de cassettehouder is open. HSluit het deksel van de cassettehouder. (墌 blz. 17) Tijdens de videoweergave verschijnen blokken beeldruis, of er is geen beeld en het scherm is blauw. HReinig de videokoppen met een los verkrijgbare reinigingscassette. (墌 blz. 54) Geavanceerde functies De scherpstelling vindt niet automatisch plaats. ● De scherpstelling staat op de stand Handmatig. HStel de scherpstelling in op de stand Automatisch. (墌 blz. 38) ● De lens is vuil of bedekt met condens. HReinig de lens en controleer de scherpstelling nogmaals. (墌 blz. 51) De momentopnamestand kan niet worden gebruikt. ● U hebt de stand (16:9 aanduiding) (16:9) geselecteerd. HSchakel de stand (16:9 aanduiding) uit. (16:9) geselecteerd (墌 blz. 37) ● Dit is normaal en duidt niet op een defect. De datum/tijd wordt tijdens het opnemen niet weergegeven. ● “DATUM/TIJD” staat op “UIT”. HStel “DATUM/TIJD” in op “AAN”. (墌 blz. 31, 34) VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VERWIJZINGEN Er is geen stroomtoevoer. 48 NE PROBLEMEN OPLOSSEN De kleur van momentopnamen ziet er eigenaardig uit. ● De lichtbron of het onderwerp bevat geen wit. Of achter het onderwerp bevinden zich verschillende lichtbronnen. HZoek een wit onderwerp en stel uw opname zo samen dat deze binnen het kader past. (墌 blz. 38, 41) De gemaakte momentopname is te donker. ● De opname is gemaakt met te veel achtergrondverlichting. HDruk op BACKLIGHT. (墌 blz. 40) De gemaakte momentopname is te licht. ● Het onderwerp is te licht. HStel “r” in op “SPOTLICHT”. (墌 blz. 42) De witbalans kan niet worden ingesteld. ● De stand Sepia (SEPIA) of Zwartwit (ZWARTWIT) is ingeschakeld. HSchakel de stand Sepia (SEPIA) of de stand Zwartwit (ZWARTWIT) uit voordat u de witbalans instelt. (墌 blz. 42) Het beeld ziet eruit alsof de sluitertijd te lang is. ● Wanneer u in het donker opnamen maakt, wordt het apparaat zeer gevoelig voor licht als u “OPHELDEREN” instelt op “AUTOM”. HAls u wilt dat de belichting er iets natuurlijker uitziet, stelt u “OPHELDEREN” in op “KORR HELD” of “UIT”. (墌 blz. 31, 33) Andere problemen Het lampje POWER/CHARGE op de camcorder gaat niet branden tijdens het opladen. ● Het opladen is moeilijk op plaatsen met een zeer hoge of lage temperatuur. HU kunt de accu beschermen door deze op te laden bij een temperatuur van 10°C tot 35°C. (墌 blz. 52) ● De accu is niet stevig bevestigd. HMaak de accu eenmaal los en bevestig hem vervolgens opnieuw stevig. (墌 blz. 13) “STEL DATUM/TIJD IN!” verschijnt. ● De datum/tijd is niet ingesteld. HStel de datum/tijd in. (墌 blz. 16) ● De batterij van de ingebouwde klok is leeg en de eerder ingestelde datum/tijd is uit het geheugen gewist. HRaadpleeg uw dichtstbijzijnde JVC-dealer om de batterij te vervangen. Op de geheugenkaart opgeslagen bestanden kunnen niet worden verwijderd. ● Op de geheugenkaart opgeslagen bestanden zijn beveiligd. HHef de beveiliging van de op de geheugenkaart opgeslagen bestanden op en verwijder ze. (墌 blz. 28) Wanneer het beeld op de printer wordt afgedrukt, staat onder aan het scherm een zwarte balk. ● Dit is normaal en duidt niet op een defect. HAls u opneemt met “STABIEL” uitgeschakeld (墌 blz. 31, 32), kan dit worden voorkomen. Wanneer de camcorder is aangesloten via de DV-aansluiting, werkt de camcorder niet. ● De DV-kabel is aangebracht/losgemaakt terwijl de camcorder aan stond. HZet de camcorder uit en weer aan en probeer het nogmaals. Het beeld op het LCD-scherm is donker of bleek. ● Op plaatsen met een lage temperatuur wordt het beeld donker vanwege de eigenschappen van het LCD-scherm. Dit is normaal en duidt niet op een defect. HPas de helderheid en de hoek van het LCDscherm aan. (墌 blz. 17, 19) ● Als de fluorescentielamp van het LCD-scherm het einde van de levensduur bereikt, wordt het beeld op het LCD-scherm donker. HRaadpleeg uw JVC-dealer. Overal op het LCD-scherm of in de zoeker verschijnen fel gekleurde punten. ● Het LCD-scherm en de zoeker zijn met precisietechnologie vervaardigd. Het is echter constant mogelijk dat zwarte punten of heldere lichtpunten (rood, groen of blauw) op het LCDscherm of in de zoeker verschijnen. Deze punten worden niet op de band opgenomen. De oorzaak hiervan ligt niet in een apparaatdefect. (Effectieve punten: meer dan 99,99 %) PROBLEMEN OPLOSSEN ● De accu is bijna leeg. HPlaats een volle accu. (墌 blz. 13) Waarschuwingsaanduidingen Geeft aan hoeveel accustroom nog beschikbaar is. U kunt de geheugenkaart niet uit de camcorder verwijderen. Resterende accuduur HDruk de geheugenkaart nog een aantal malen in. (墌 blz. 18) Wanneer de batterij bijna leeg is, begint de indicator voor batterijspanning te knipperen. Wanneer de accu helemaal leeg is, wordt de stroomtoevoer automatisch uitgeschakeld. Het beeld verschijnt niet op het LCDscherm. ● De zoeker wordt uitgetrokken en “VOORRANG” is ingesteld op “ZOEKER”. HDruk de zoeker terug of stel “VOORRANG” in op “LCD”. (墌 blz. 19, 31, 33) ● Het LCD-scherm staat te donker ingesteld. HPas de helderheid van het LCD-scherm aan. (墌 blz. 17) HAls het LCD-scherm 180 graden omhoog is gedraaid, moet u het LCD-scherm helemaal open klappen. (墌 blz. 19) Er verschijnt een foutaanduiding (01 – 04 of 06). ● Er is een storing opgetreden. In dit geval zijn de functies van de camcorder onbruikbaar geworden. (墌 blz. 51) De afstandsbediening werkt niet. ● “AFSTANDSBD” staat op “UIT”. HStel “AFSTANDSBD” in op “AAN”. (墌 blz. 31, 33) ● De afstandsbediening wijst niet in de richting van de afstandsbedieningssensor. HWijs naar de afstandsbedieningssensor. (墌 blz. 24) ● De batterijen van de afstandsbediening zijn leeg. HPlaats nieuwe batterijen. (墌 blz. 24) 49 Hoog Leeg ● Wordt weergegeven als een band is geplaatst. (墌 blz. 17) ● knippert als er geen band is geplaatst. (墌 blz. 17) CONTROLEER WISBEVEILIGING BAND Verschijnt als het wisbeveiligingsknopje is ingesteld op “SAVE” terwijl de aan/uit-knop op “REC” staat en de schakelaar VIDEO/MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. (墌 blz. 15) GEBR REINIG.- CASSETTE Verschijnt als tijdens het opnemen vuil op de koppen is vastgesteld. Gebruik een los verkrijgbare reinigingscassette. (墌 blz. 54) CONDENSVORMING WERKING ONDERBROKEN EEN MOMENT A.U.B. Verschijnt als zich condensvorming voordoet. Wanneer deze aanduiding wordt weergegeven, moet u meer dan een uur wachten om de condens te laten wegtrekken. BAND! Verschijnt als zich geen cassette in de camcorder bevindt wanneer u op de start-/ stopknop voor opnemen drukt of op de knop SNAPSHOT drukt, terwijl de aan/uit-knop op “REC” staat en de schakelaar VIDEO/MEMORY is ingesteld op “VIDEO”. EINDE BAND Verschijnt wanneer tijdens opname of weergave het einde van de band wordt bereikt. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VERWIJZINGEN Het lukt niet om de cassette in de camcorder te plaatsen. NE 50 NE PROBLEMEN OPLOSSEN STEL DATUM/TIJD IN! ● Verschijnt als de datum/tijd niet is ingesteld. (墌 blz. 16) ● De batterij van de ingebouwde klok is leeg en de eerder ingestelde datum/tijd is uit het geheugen gewist. Raadpleeg uw dichtstbijzijnde JVCdealer om de batterij te vervangen. LENSDOP Verschijnt 5 seconden nadat het apparaat is ingeschakeld wanneer de lensdop op de camera zit of wanneer het donker is. FOUT BIJ AUDIODUB!● Verschijnt als u probeert te audiodubben op een band die is opgenomen met de snelheid LP. (墌 blz. 46) ● Verschijnt als u probeert te audiodubben op een band die is opgenomen met 16-BITS audio. (墌 blz. 46) ● Verschijnt als u op de afstandsbediening op A. DUB (D) drukt terwijl het wisbeveiligingsknopje op “SAVE” staat. (墌 blz. 46) ● Verschijnt als u probeert een invoegmontage uit te voeren op een leeg gedeelte van een band. (墌 blz. 46) FOUT BIJ INVOEGEN! ● Verschijnt als u probeert een invoegmontage uit te voeren op band die is opgenomen met de snelheid LP. (墌 blz. 46) ● Verschijnt als u op de afstandsbediening op INSERT (I) drukt terwijl het wisbeveiligingsknopje op “SAVE” staat. (墌 blz. 46) ● Verschijnt als u probeert te audiodubben op een leeg gedeelte van een band. (墌 blz. 46) GEHEUGEN IS VOL! Verschijnt als het geheugen van de geheugenkaart vol is en u geen momentopnames kunt maken. HDV Verschijnt wanneer in HDV-formaat opgenomen beelden worden gedetecteerd. Deze camcorder kan geen HDV-formaat beelden weergeven. ? Verschijnt wanneer u een bestand weergeeft dat niet compatibel is met DCF of een bestand met een grootte die niet compatibel is met deze camcorder. KOPIEERBEVEILIGING Verschijnt als u probeert tegen kopiëren beveiligde signalen te kopiëren wanneer deze camcorder wordt gebruikt als videorecorder. GEHEUGENKAART! Wordt weergegeven als er geen geheugenkaart is geplaatst wanneer er op de SNAPSHOT knop is gedrukt terwijl de aan/uit-knop is ingesteld op “REC” en de VIDEO/MEMORY schakelaar is ingesteld op “MEMORY”. FORMATTEREN A.U.B. Verschijnt als er een probleem is met een geheugenkaart, omdat het geheugen beschadigd is of de kaart zelf niet geïnitialiseerd. Initialiseer de geheugenkaart. (墌 blz. 30) GEEN BEELDEN OPGESLAGEN Verschijnt als er geen beeldbestanden op de geheugenkaart zijn opgeslagen wanneer u probeert de inhoud van de geheugenkaart weer te geven. ONDERHOUD DOOR DE GEBRUIKER CONTROLEER WISBEVEILIGING KAART Verschijnt als u probeert digitale stilbeelden te maken terwijl het wisbeveiligingsknopje van de SD-geheugenkaart in de stand “LOCK” staat. AUTOM BESCHERMING STAAT AAN HERPLAATS ACCU OF STEKKER De foutaanduidingen (01, 02 of 06) geven aan wat voor type storing zich heeft voorgedaan. Als er een foutaanduiding verschijnt, wordt de camcorder automatisch uitgezet. Verwijder de voeding (accu, enzovoort) en wacht een paar minuten tot de aanduiding verdwijnt. Als de aanduiding verdwijnt, kunt u de camcorder weer gebruiken. Als de aanduiding blijft verschijnen, raadpleegt u uw JVC-dealer. AUTOM BESCHERMING STAAT AAN VERWIJDER EN HERPLAATS BAND De foutaanduidingen (03 of 04) geven aan wat voor type storing zich heeft voorgedaan. Als er een foutaanduiding verschijnt, wordt de camcorder automatisch uitgezet. Verwijder de cassette eenmaal en plaats hem terug. Controleer of de aanduiding verdwijnt. Als de aanduiding verdwijnt, kunt u de camcorder weer gebruiken. Als de aanduiding blijft verschijnen, raadpleegt u uw JVC-dealer. 51 Reinigen Schakel voordat u de camcorder reinigt deze uit en verwijder de batterij en het netsnoer. De buitenkant reinigen Veeg het voorzichtig met een zachte doek schoon. Doe de doek in een oplossing met milde zeep en wring hem goed uit als u zwaar vuil wilt verwijderen. Veeg het apparaat daarna met een droge doek af. De LCD-monitor reinigen Veeg het voorzichtig met een zachte doek schoon. Zorg ervoor dat u het LCD-scherm niet beschadigt. Sluit het LCD-scherm. De lens reinigen Blaas de lens schoon met een blaasborsteltje en veeg deze vervolgens voorzichtig af met een papieren lensreinigingsdoekje. De lens van de zoeker reinigen Verwijder stof van de zoeker met een blaaskwastje. OPMERKINGEN: ● Vermijd het gebruik van te sterke schoonmaakmiddelen, zoals benzine of alcohol. ● U mag de camcorder pas reinigen nadat u de accu hebt verwijderd en andere eventuele stroombronnen zijn losgekoppeld. ● Er kan zich schimmel op de lens vormen als deze vuil is. ● Als u een reinigingsmiddel of een chemisch behandelde doek wilt gebruiken, dient u eerst de voorzorgsmaatregelen van dat product door te nemen. ● Raadpleeg uw dichtstbijzijnde JVC-dealer als u de zoeker wilt reinigen. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VERWIJZINGEN FOUT IN KAART! Verschijnt als de camcorder de geplaatste geheugenkaart niet herkent. Verwijder de geheugenkaart en plaats deze weer terug. Herhaal deze procedures tot er geen aanduiding meer verschijnt. Als de aanduiding blijft verschijnen, is de geheugenkaart beschadigd. NE 52 NE VOORZORGSMAATREGELEN Accu’s De meegeleverde accu Contactpunten is een lithium-ionaccu. Lees de volgende voorzorgsmaatregelen voordat u de meegeleverde accu of een los verkrijgbare accu gaat gebruiken: ● Voorkom gevaar als volgt ... niet in brand steken. ... voorkom kortsluiting van de contactpunten. Zorg dat de meegeleverde accuafdekkap op de accu is aangebracht wanneer u de accu vervoert. Als u de afdekkap kwijt bent, vervoert u de accu in een plastic tas. ... niet aanpassen of demonteren. ... niet blootstellen aan temperaturen hoger dan 60°C, aangezien de accu hierdoor oververhit kan raken, kan ontploffen of vlam kan vatten. ... gebruik alleen de aangegeven laadtoestellen. ● Voorkom schade en verleng de levensduur als volgt ... vermijd onnodige schokken. ... laad de accu op in een omgeving waar de temperatuur binnen het toegestane bereik ligt, dat in de onderstaande vermelding staat. Dit is een accu die werkt door middel van een chemische reactie — koudere temperaturen belemmeren de chemische reactie, terwijl warmere temperaturen ertoe kunnen leiden dat de accu niet helemaal wordt geladen. ... bewaar de accu op een koele, droge plaats. Langdurige blootstelling aan hoge temperaturen vergroot de natuurlijke mate van ontlading en leidt tot een kortere levensduur. ... laad de accu elke zes maanden helemaal op en laat de accu vervolgens volledig leeglopen als u de accu gedurende lange tijd niet gebruikt. ... verwijder de accu uit de lader of de ingeschakelde camcorder wanneer u die niet gebruikt, aangezien sommige apparaten zelfs stroom gebruiken als ze uitstaan. De voordelen van lithium-ion accu’s Lithium-ion accu’s zijn klein maar hebben een groot vermogen. Wanneer dit type accu echter wordt blootgesteld aan lage temperaturen (onder 10°C), neemt de gebruiksduur af en is het zelfs mogelijk dat de accu helemaal niet meer werkt. Als dat gebeurt, dient u de accu korte tijd in uw zak, of op een andere veilige, warme plek, te doen om deze op te warmen. Vervolgens plaatst u hem weer op de camcorder. OPMERKINGEN: ● Het is normaal dat de accu warm is na het laden of na gebruik. Specificaties voor het toegestane temperatuurbereik Opladen: 10°C tot 35°C Gebruik: 0°C tot 40°C Opslag: –20°C tot 50°C ● Hoe lager de temperatuur, hoe lager het opladen duurt. ● De vermelde oplaadtijden gelden voor een volledig lege accu. Cassettes Lees de onderstaande voorzorgsmaatregelen om uw cassettes op juiste wijze te gebruiken en te bewaren: ● Ga bij het gebruik als volgt te werk ... zorg dat de cassette de markering Mini DV heeft. ... houd er rekening mee dat als u opneemt op cassettes waarop al opnames staan, deze reeds opgenomen beeld- en geluidssignalen door de nieuwe worden overschreven. ... zorg dat u de cassette in de juiste stand in de camcorder inbrengt. ... vermijd herhaaldelijk plaatsen en verwijderen van de cassette zonder dat u de band laat draaien. Hierdoor verslapt de bandspanning, wat tot schade kan leiden. ... open het afdekklepje aan de voorzijde van de cassette niet. Hierdoor kunnen er vingerafdrukken en stof op de band terechtkomen. ● Bewaar cassettes als volgt ... uit de buurt van verwarmingstoestellen of andere warmtebronnen. ... niet in direct zonlicht. ... op een plaats waar ze niet worden blootgesteld aan onnodige schokken of trillingen. ... op een plaats waar ze niet worden blootgesteld aan sterke magnetische velden (bijvoorbeeld velden die worden opgewekt door motoren, transformators of magneten). ... verticaal, in de originele doosjes. VOORZORGSMAATREGELEN NE 53 Geheugenkaarten Hoofdtoestel Lees de volgende voorzorgsmaatregelen om uw geheugenkaarten op juiste wijze te gebruiken en op te slaan: ● Ga bij het gebruik als volgt te werk ● Om veiligheidsredenen mag u het volgende NIET DOEN ● Houd rekening met het volgende wanneer de camcorder toegang zoekt tot de geheugenkaart (tijdens opnemen, weergeven, wissen, initialiseren, enzovoort) ... verwijder de geheugenkaart nooit en zet de camcorder nooit uit. ● Bewaar de geheugenkaarten als volgt ... uit de buurt van verwarmingstoestellen of andere warmtebronnen. ... niet in direct zonlicht. ... op een plaats waar ze niet worden blootgesteld aan onnodige schokken of trillingen. ... op een plaats waar ze niet worden blootgesteld aan sterke magnetische velden (bijvoorbeeld velden die worden opgewekt door motoren, transformators of magneten). LCD-scherm ● Om schade aan het LCD-scherm te voorkomen mag u het volgende, NIET DOEN ... hard tegen het scherm duwen of er op slaan. ... de camcorder met het LCD-scherm naar onder op de grond leggen. ● U kunt de levensduur als volgt verlengen ... wrijf het LCD-scherm niet af met een ruwe doek. ● Houd rekening met de volgende verschijnselen die zich voordoen bij het gebruik van LCD-schermen. Deze verschijnselen zijn geen storingen ... Tijdens het gebruik van de camcorder kan het oppervlak rond het LCD-scherm evenals de achterzijde van het LCD-scherm warm worden. ... Als u de stroomtoevoer lange tijd ingeschakeld laat, wordt het oppervlak rond het LCD-scherm warm. ● Gebruik de camcorder NIET ... op plaatsen die erg vochtig of stoffig zijn. ... op plaatsen met roet of stoom, bijvoorbeeld in de buurt van een gasfornuis. ... op plaatsen waar veel schokken of trillingen voorkomen. ... in de buurt van een tv-toestel. ... in de buurt van apparaten die een sterk magnetisch veld opwekken (luidsprekers, tv-/ radioantennes, enzovoort). ... op plaatsen met een extreem hoge (meer dan 40°C) of extreem lage (minder dan 0°C) temperatuur. ● Laat de camcorder NIET achter ... op plaatsen waar het meer dan 50°C is. ... op plaatsen waar de vochtigheid bijzonder laag (minder dan 35%) of bijzonder hoog (meer dan 80%) is. ... in direct zonlicht. ... in een afgesloten auto (in de zomer). ... in de buurt van een verwarmingstoestel. ● Bescherm de camcorder als volgt ... laat het toestel niet nat worden. ... laat het toestel niet vallen en sla er niet mee tegen harde voorwerpen. ... stel het toestel wanneer u het vervoert niet bloot aan schokken of overmatige trillingen. ... richt de lens niet gedurende lange tijd op bijzonder lichte voorwerpen. ... stel de lens en de lens van de zoeker niet aan direct zonlicht bloot. ... draag het toestel niet door het vast te houden bij het LCD-scherm of de zoeker. ... zwaai niet te veel met het toestel terwijl u het bij de handband of handgreep vasthoudt. ... zwaai niet te veel met de zachte cameratas terwijl de camcorder erin zit. VERVOLG OP VOLGENDE BLADZIJDE VERWIJZINGEN ... zorg dat de geheugenkaart de markering SD of MultiMediaCard heeft. ... zorg dat u de geheugenkaart in de juiste stand inbrengt. ... de behuizing van de camcorder openen. ... het toestel demonteren of aanpassen. ... de contactpunten van de accu kortsluiten. Houd het toestel uit de buurt van metalen objecten wanneer u het niet gebruikt. ... brandbare stoffen, water of metalen objecten in het toestel laten binnendringen. ... de accu verwijderen of de stroomtoevoer onderbreken terwijl de camcorder aan staat. ... de accu op de camcorder laten terwijl u de camcorder niet gebruikt. 54 NE VOORZORGSMAATREGELEN ● Vuile camcorderkoppen kunnen de volgende problemen veroorzaken: ... Er geen beeld is tijdens de weergave. ... Er ruisblokken verschijnen tijdens de weergave. ... Tijdens opname of weergave wordt de waarschuwing voor een vuile kop “ ” getoond. ... Het opnemen kan niet naar behoren worden uitgevoerd. Gebruik in deze gevallen een los verkrijgbare reinigingscassette. Plaats deze cassette en speel hem af. Als u de cassette meerdere malen na elkaar gebruikt, kan schade aan de videokoppen ontstaan. Nadat de camcorder ongeveer 20 seconden heeft gedraaid, stopt deze automatisch. Raapleeg ook de gebruiksaanwijzing van de reinigingscassette. Als het probleem zich na het gebruik van de reinigingscassette blijft voordoen, raadpleegt u uw JVC-dealer. Mechanische, bewegende onderdelen die zorgen voor het voortbewegen van de videokoppen en videoband worden meestal met verloop van tijd vuil en verslijten. Om te zorgen dat u een scherp beeld houdt, is het raadzaam periodiek onderhoud te laten uitvoeren nadat u de camcorder ongeveer 1000 uur hebt gebruikt. Raadpleeg uw JVC-dealer voor periodiek onderhoud. Juist omgaan met een cd-rom ● Zorg dat u het spiegelende oppervlak (de achterzijde van de bedrukte kant) niet vuil maakt of krast. Schrijf niet en plak geen etiketten op de voor- of achterkant. Als de cd-rom vuil geworden is, gebruik dan een zachte doek om de disc vanaf het middengat naar de buitenranden schoon te vegen. ● Gebruik geen conventionele disc-reinigers of reinigingsspray. ● Buig de cd-rom niet en raak het spiegelend oppervlak ervan niet aan. ● Sla de cd-rom niet op in een stoffige, hete of vochtige omgeving. Houd de cd-rom van direct zonlicht verwijderd. Informatie over condensvorming ● Het is u vast al wel opgevallen dat wanneer u een koude vloeistof in een glas doet, zich waterdruppels vormen aan de buitenkant van het glas. Ditzelfde verschijnsel doet zich voor op de koppen van een camcorder wanneer het toestel wordt overgebracht van een koude naar een warme omgeving, wanneer een koude kamer wordt verwarmd, in extreem vochtige omstandigheden of op een plek waar koude lucht uit een airco-installatie binnenstroomt. ● Vocht op de koppen kan tot ernstige schade aan de videoband leiden en kan inwendige schade aan de camcorder zelf veroorzaken. Ernstige storingen Als zich een ernstige storing voordoen, dient u onmiddellijk te stoppen met het gebruik van de camcorder en uw JVC-dealer te raadplegen. De camcorder is een apparaat dat wordt gestuurd door een microcomputer. Extern geluid en interferentie (van een tv, radio, enzovoort) kunnen de normale werking van deze camcorder verstoren. Als zich zulke storingen voordoen, maakt u eerst de voedingsbron (accu, netadapter, enzovoort) los en wacht u een paar minuten voordat u de aansluitingen weer tot stand brengt. Vervolgens begint u bij het begin, zoals u dat altijd doet. SPECIFICATIES 55 Algmeen Digitale stilbeeldcamera Voeding 11 V gelijkstroom (via netadapter) 7,2 V gelijkstroom (via accu) Stroomverbruik Ongeveer 2,4 W (2,6 W*) (LCD-scherm uitgeschakeld/zoeker ingeschakeld) Ongeveer 2,7 W (2,9 W*) (LCD-scherm ingeschakeld/zoeker uitgeschakeld) * Bij gebruik LED lamp Afmetingen (B x H x D) 59 mm x 94 mm x 114 mm (met LCD-scherm gesloten en zoeker ingeduwd) Gewicht Ongeveer 400 g (zonder batterij, geheugenkaart en lensdop) Ongeveer 480 g (inclusief batterij, geheugenkaart en lensdop) Bedrijfstemperatuur 0°C tot 40°C Bedrijfsvochtigheid 35% tot 80% Opslagtemperatuur –20°C tot 50°C Pickup 1/6" CCD Lens F 2,0, f = 2,3 mm tot 73,6 mm, 32:1 motorzoomlens Filterdiameter ø27 mm LCD-scherm 2,5" diagonaal gemeten, LCD-scherm/TFT active matrix-systeem Zoeker Elektronische zoeker met 0,33" kleuren-LCDscherm Luidspreker Mono LED lamp Effectieve afstand: 1,5 m Opslagmedia SD-geheugenkaart/MultiMediaCard Compressiesysteem JPEG (-compatibel) Bestandsgrootte Stilbeelden: 1 standen (640 x 480 pixels) Beeldkwaliteit 2 standen (FIJN/STANDAARD) Aantal beelden dat bij benadering kan worden opgeslagen 墌 blz. 26 Digitale videocamera Indeling DV-indeling (SD-stand) Signaalindeling PAL-standaard Indeling voor opname/weergave Video: digitale componentenopname Audio: PCM digitale opname, 32 kHz 4-kanalen (12-BITS), 48 kHz 2-kanalen (16-BITS) Cassette Mini-DV-cassette Bandsnelheid SP: 18,8 mm/s, LP: 12,5 mm/s Van aansluitingen S S-Video-uitvoer: Y: 1,0 V (p-p), 75 Ω, analoog C: 0,3 V (p-p), 75 Ω, analoog AV Video-uitvoer: 1,0 V (p-p), 75 Ω, analoog Audio-uitvoer: 300 mV (rms), 1 kΩ, analoog, stereo DV Uitvoer: 4-pins, compatibel met IEEE 1394 USB Mini USB-B type, compatibel met USB 1.1 Netadapter Stroomvereisten 110 V tot 240 Vd wisselstroom, 50 Hz/60 Hz Uitvoer 11 V G gelijkstroom, 1 A De vermelde specificaties gelden voor de snelheid SP, tenzij anders staat vermeld. Ontwerp en specificaties kunnen zonder kennisgeving worden gewijzigd. VERWIJZINGEN Camcorder NE Maximale opnametijd (met cassette van 80 min.) SP: 80 min., LP: 120 min. TERMEN DU A L Aan-/uitzetten ................................................. 15 Aansluiting op een pc ..................................... 45 Accu ................................................... 13, 14, 52 Achtergrondlicht compenseren ...................... 40 Afstandsbediening ......................................... 24 Audiodubben .................................................. 46 LCD-scherm en zoeker ............................ 16, 19 LED lamp ....................................................... 36 Luidsprekervolume ......................................... 21 B Bandsnelheid (OPNAME) ........................ 32, 35 Batterijstatus .................................................. 14 Beeldkwaliteit ................................................. 34 Beeld-voor-beeld-weergave ........................... 25 Bestanden verwijderen .................................. 28 Bevestigen op een statief ............................... 17 Blanco gedeelten zoeken ............................... 22 D Datum/tijd instellen ......................................... 16 De accu opladen ............................................ 13 De belichting instellen .................................... 39 De bestandsnaam opnieuw instellen ............. 27 De menu-instellingen wijzigen ............... 31 – 35 Demonstratiestand ......................................... 34 Diafragmablokkering ...................................... 39 E Een cassette plaatsen .................................... 17 Een geheugenkaart initialiseren ..................... 30 Een geheugenkaart plaatsen ......................... 18 M Macro-instelling .............................................. 32 Melodie .......................................................... 33 Motordrivestand ............................................. 38 N Netadapter ..................................................... 14 Night-Scope ................................................... 37 O Opnamecapaciteit Band ........................................................ 19 Geheugenkaart ....................................... 26 P Problemen oplossen ...................................... 47 Programma AE, effecten en sluitereffecten ... 42 S Sluitereffecten ................................................ 42 Snelle controle ............................................... 21 Speciale weergave-effecten ........................... 25 Specificaties ................................................... 55 Spotbelichtingsregeling .................................. 40 T G Tijdcode ............................................. 21, 34, 35 Geheugenkaart ........................................ 18, 53 Geluidsstand ............................................ 32, 35 V H Verbindingen met een tv of videorecorder ..... 23 Vertraagde opnamen ..................................... 36 Handmatig scherpstellen ............................... 38 W I Waarschuwingsaanduidingen ........................ 49 Weergavegeluid ............................................. 35 Wipe- of fade-effecten .................................... 41 Witbalans ....................................................... 40 Instelling AFDRUKINFO (Digital Print Order Format) .............................................. 29, 30 Interface-opname ........................................... 20 Invoegmontage .............................................. 46 K Z Zoomfunctie ....................................... 20, 25, 33 Kopiëren ................................................... 43, 44 16:9 .......................................................... 33, 35 © 2006 Victor Company of Japan, Limited EX Gedrukt in Maleisië 0306ASR-PR-VM
Source Exif Data:
File Type : PDF File Type Extension : pdf MIME Type : application/pdf PDF Version : 1.4 Linearized : Yes Encryption : Standard V1.2 (40-bit) User Access : Print, Fill forms, Extract, Assemble, Print high-res Modify Date : 2006:06:27 18:56:28+09:00 Create Date : 2006:06:27 14:19:46+09:00 Producer : Acrobat Distiller 7.0 (Windows) Subject : LYT1540-003A_DU Page Count : 56 Mod Date : 2006:06:27 18:56:28+09:00 Creation Date : 2006:06:27 14:19:46+09:00 Author : JVC Metadata Date : 2006:06:27 18:56:28+09:00 Title : GR-D360E Description : LYT1540-003A_DU Creator : JVC Page Mode : UseThumbs Page Layout : SinglePageEXIF Metadata provided by EXIF.tools